Blog Image

blog2 verhalen voor de 4Fingers

OF U ER ZELF BIJ WAS

Blog - Megamastos –  Rubrieken

LUISTERBOMEN

Mikes. Posted on zo, februari 10, 2019 13:59


LUISTERBOMEN

‘In een land hier ver vandaan ligt een mysterieus bos. Het
is een klein bos, met slechts 400 bomen die rigoureus zijn gekromd aan hun
basis. Alle bomen zijn dezelfde kant op vervormd naar het noorden.
Niemand weet waarom.

Hoe zijn zij aan deze vreemde vorm gekomen? Zou het
buitenaardse betrokkenheid zijn? Hekserij wellicht? Heeft het gebied een uniek
soort zwaartekracht of een alert energieveld waardoor de bomen misvormd zijn?
Zou er in een zware sneeuwstorm te veel sneeuw op de nog jonge stammetjes zijn
gevallen waarbij de wind er wellicht nog een schepje bovenop heeft gedaan om de
bomen zo te buigen?

Het unieke pijnboombos, althans de ‘kromme tak’ van de
familie, wordt omringd door bomen die volledig normaal groeien. Mogelijk zijn
de gekromde bomen opzettelijk door mensenhanden vervormd. Gebogen hout is
populair om boten of meubels van te maken. De activiteiten werden naar men
zegt, onderbroken door de Tweede Wereldoorlog.

Zouden de nazi’s hier iets hebben uitgespookt? Tijdens de
oorlog zijn er in dit bos in dit bos veel slachtoffers gevallen. Soldaten die
het bos betraden zijn er nooit meer van teruggekeerd. De mare gaat dat ze
vermorzeld zijn door de bomen en gedumpt in het nabij gelegen, moeilijk
bereikbare turfmoeras. Hoe dat heeft kunnen gebeuren en wie de lichamen in het
moeras heeft geworpen blijft een raadsel. Vanwege de natte natuur van deze
omgeving is dit gebied nog nooit door de mens gekoloniseerd. Menselijke
ooggetuigen zijn er niet, of zijn wellicht vergaan? Er blijven bizarre
theorieën en complotten over dit wonderlijke bos bestaan. Wat zou het
buitengewoon zijn als we met deze dennen eens konden sparren!

Het bos blijft een mysterie. Ook de reis ernaar toe is een
interessant avontuur. Een route vol met hobbels en problemen. Mysteries zijn
een belangrijk onderdeel van reizen, een vitaal bestanddeel van het avontuur,
de drijfveer die ervoor zorgt dat we de wereld zien.’

***

Het grote mysterie voor Jax is zijn vriendin Fay. Hun innige
relatie is nog steeds een fantastisch avontuur met hoge pieken en diepe dalen.
De liefde voor elkaar blijkt intens sterk. Al is er wel een lange en
vermoeiende reis voor nodig geweest om de noodzaak van adequaat met elkaar
communiceren onder ogen te zien. Oorzaak en gevolg van de problemen bleek
aanvankelijk niet te duiden. Bij het drinken van cappuccino weet je ook niet
waar de melk ophoudt en de koffie begint.

‘Stil zijn’ was soms de enige manier van praten in hun
samenzijn. Maar het wordt broeierig als er zich in deze stilte te veel vragen
gaan nestelen. Jax heeft nog steeds regelmatig het gevoel eigenlijk uitgepraat
te zijn, terwijl de wedervraag nog altijd ergens stroef in de lucht blijft
hangen. Vanuit haar ooghoeken ziet Fay hem dan onmachtig heen en weer bewegen.
Fay kijkt Jax nooit in de ogen aan. Ze is dan te vaak afgeleid. Met een schuin
gehouden hoofd legt Jax haar de wedervraag als het ware in de mond: ‘en jij
dan?’ Het is zo gegroeid. Jax zag geen andere oplossing voor het probleem,
wetend dat stilte geen antwoord gaf op de moeilijkheden die zich steeds sterker
aankondigden. Maar wat moest hij dan?

Naast ‘stilte’ heeft Jax in de kat nog een andere
reddingsboei. De kat… ze bijt! Ze is bang…de kat! Het is bepaald geen kat om
zonder handschoenen aan te pakken. Waarschijnlijk heeft ze een gebeurtenis
meegemaakt die bepalend is geweest voor haar verdere gedrag. Fay noemt het een
asielzoekers-kat. In het asiel werd aangegeven dat ze deze onberekenbare lieverd
beter niet mee naar huis kon nemen, omdat ze beet…de kat. Jax begreep niet
dat deze poes zo kattig kon doen en had zich allang bij het goedbedoelde advies
van het asiel neergelegd. Maar Fay zou Fay niet zijn als ze juist deze poes mee
naar huis nam. Ze voelde een ‘verbondenheid’ met haar. U begrijpt het al.
Gaandeweg zat het kreng dus meer bij Jax op schoot dan bij Fay.

‘Sfeertje’ noemt ze haar. Ze is vaak weg, ons
Sfeertje.

Jax besloot tegen beter weten in, dat hij maar eens meer
tegengas zou gaan geven. Hij wilde zich niet meer onder laten sneeuwen en ging
mee in de discussie. Het risico nemend dat het verzandde in een negatieve sfeer
en eindeloze discussies waar hij diep ongelukkig van werd. Fay had de neiging om
over alles controle te willen uitoefenen. Het laatste woord hebben was vast
pandoer. Haar gedrag kwam op hem over als ongecontroleerde geldingsdrang. Fay
overschreeuwde zich letterlijk en Jax kreeg hierdoor het verstikkende gevoel
dat hij niet meer aan bod kwam en dat zijn mening niet van belang was. Jax ging
aan zichzelf twijfelen. Hij hield zielsveel van haar, hij vond ze lief,
respecteerde haar en zag hoe hard ze vocht om haar emoties op een rij te
krijgen. Er was iets met Fay aan de hand, maar hij kon er zijn vingers niet
achter krijgen.

Op het werk voldeed Fay voor haar gevoel nooit geheel aan de
verwachtingen van de werkgever. Wachten of niets doen was moeilijk voor haar.
Ze werkte hard. Was hard, vooral voor zichzelf. Ze weigerde slachtoffer te
zijn. Fay’s ziekteverzuim was minimaal te noemen. Fay wilde er graag bij horen
en voldoen aan wat ‘normaal’ wordt beschouwd. Maar toch zat ze vaak niet op
haar plaats. Ze voelde zich nooit helemaal geaccepteerd. Eigenlijk had ze
andere keuzes willen maken. Een andere richting in willen gaan met haar
carrière en haar leven. Fay kon haar mondje roeren, daar lag het niet aan. Haar
intelligentie behoedde haar voor pestgedrag op het werk. Het was ook niet zo
dat ze met de nek werd aangekeken, maar optimaal was de sfeer op het werk
nooit. Fay was gewoon anders, terwijl ze zo niet wilde zijn. Doodmoe werd ze
van dit innerlijk conflict.

Haar probleem werd pas zeer laat opgemerkt. Optimaal
aanpassen lukte Fay logischerwijze niet altijd en het onbegrip van haar
omgeving was stuitend. Achteraf bekeken schortte het misschien aan kennis over
haar diagnose. Ja… en aan interesse. Gewoon een schrijnend gebrek aan
menselijke interesse in haar werkomgeving. Oppervlakkige collega’s en een
sociaal onhandige manager die haar onvoldoende steunde. De wil en de energie om
zich te verdiepen in de ander was simpelweg nauwelijks aanwezig op de werkvloer.
Het irriteerde Jax. Waarom letten ze niet wat beter op elkaar. Het is toch niet
zo moeilijk om even een kop koffie te drinken met een collega?

Jax probeerde van alles maar als Fay boos was doordat haar
hoofd weer eens erg vol zat, dan was het juist beter om haar even alleen te
laten zijn. De beste oplossing was later terugkomen en hopen op het moment
waarop de wedervraag verdampt zou zijn. Jax zwijgzaamheid kreeg geleidelijk de
overhand. Alles voor de liefde. Verborgen harmonie heeft zijn waarde! Gedwongen
stil ging hij van ellende Sfeertje zoeken. Die de stemming allang had
aangevoeld en natuurlijk alweer vertrokken was. Waar was Sfeertje nou? Even
klef aan het poezele met de kat van de buren misschien? Ze zou zo wel weer
terugkomen. Gaandeweg ga je je toch hechten aan zo’n
beest.

Jax kwam op een punt dat de sfeer wat hem betreft überhaupt
niet meer gered hoefde te worden en de relatie kwam tot een ontploffing. Het
kon niet anders. Dat proces, die explosieve chemie, was volgens Jax nodig om echt
tot de kern te komen. Botsen als enige uitweg om werkelijk met elkaar in
gesprek te gaan. Fay is hierna professionele hulp gaan zoeken voor haar
inconsistente gemoedstoestand en wat Jax al vermoedde, werd bewaarheid.

De juiste hulp krijgen bleek lastig. Er waren enorme
wachtlijsten. Maar toch, na veel geduld en diverse onderzoeken was de gestelde
diagnose duidelijk een opluchting voor Fay. Een diagnose is geen toverspreuk.
Het bepaalt niet wie ze is, maar het zorgde wel voor meer begrip. De
achterliggende oorzaken van haar gedrag werden helder nadat ze uitleg had
gekregen over het resultaat van de onderzoekingen. Wat ze had, kreeg een naam.
Het mysterie werd enigszins ontraadseld. Het geheel moest alleen nog een plaats
krijgen en dan pas kon ze opnieuw op zoek naar zichzelf. Een gigantisch
acceptatieproces volgde. Het werd een begin van een nieuwe reis waarvan het
avontuur overigens allang was begonnen.

Fay mocht nu milder zijn naar anderen en vooral zachter voor
zichzelf, want mijn hemel wat was ze streng voor zichzelf. Altijd die
innerlijke strijd: ‘als anderen dit kunnen dan kan ik dat ook’. Door de
vaststelling kon ze haar manier van denken en de daarop aangepaste uitingsvorm
benoemen. Het bleek een enorme vooruitgang voor hun relatie. Jax bleek daarin
een kanjer. Hij begreep als geen ander Fay’s angsten en haar hang naar
controle. Juist op die momenten dat ze ondersteuning het meest nodig had
probeerde hij er te zijn. In tegenstelling tot Sfeertje, die de kunst tot in de
perfectie beheerste om hem dan juist te smeren. Om de haat-liefdeverhouding van
Jax met de kat hiermee nog maar eens helder uiteen te zetten.

Jax had diep respect voor haar doorzettingsvermogen en
vechtersmentaliteit. Voor Fay was het lastig om de gevoelens van een ander aan
te voelen. Jax nam de moeite om het beter voor haar te verwoorden. Hij had op
internet gelezen dat mensen die beter weten wat ze voelen, hun emoties
adequater kunnen bijsturen. Bewust positieve gevoelens voor negatieve in de
plaats zetten…of zoiets! Het maakte Fay rustiger en zelfverzekerder. De sfeer
werd er in elk geval duidelijk beter op, vond ook Sfeertje…de kat.

Maar zou het genoeg zijn om de relatie te laten voortduren?

***

‘Men tast nog steeds in het duister over de werkelijke
oorzaak van de gebogen stammen. De kromme bomen staan griezelig in de mist. Ze
zijn relatief klein voor hun leeftijd. Eigenlijk zouden de verborgen bomen
minstens 15 meter hoog moeten zijn, maar dat halen ze niet. Op een afstand
lijkt het een normaal bos, maar wanneer je het betreedt verandert het in een
duistere, spookachtige wereld. Bossen zijn meestal geheimzinnig vanwege wat
tussen de bomen schuilt, maar hier zijn het de bomen zelf. En hun vriendjes.

Misschien is de Dennenkrombuigmot wel de aanleiding. Kenners
spreken over de ‘Heterocera picea curvus noctua lucens’. Deze lichtgevende
nachtvlinders kunnen een invloed hebben op de vorm van de bomen. Zij hebben de
den als waardplant. Hun snotjes, een combinatie van speeksel en zijde, smeren
ze af aan de takken van de bomen. Het zacht glimmend slijmerig materiaal wordt
dan hard en lijkt op rupscocons die aan een waardboom worden vastgehecht. De
motjes vormen middels bioluminescentie een blijvend lichtje in een stikdonkere
nacht. Een soort ‘glow in the dark’. De zacht blauwe aura levert een buitengewoon
sciencefiction-achtig verschijnsel op. Het zijn vriendjes op wie je altijd
bouwen kan. Fijn om een lichtje in de buurt te hebben dat het altijd doet. Als
het begint te schemeren worden zij actief. Nachtvlinders trillen vaak met hun
vleugels om vóór het vliegen op te warmen. Het is een mooi gezicht als je hun
lichtjes als het ware ziet op laden. Een adembenemend, sprankelend
lichtspektakel.

Er is één vrouwelijke nachtvlinder bij, die fonkelt het
fonkelst van allemaal. Dat is prinses Tintelding met haar twinkelring. Elke
avond draagt ze met trots de twinkelring met lichtblauwe fonkeling. Het
prachtige sieraad heeft ze van haar trouwe vriend markies Moerazinder gekregen.
Om zijn liefde voor haar te uiten en uit respect voor haar uitzonderlijke moed om
haar eigen angst en onzekerheid ter sprake te brengen en met hem te delen. Via
die ring staan ze met elkaar in verbinding. Elke keer dat zij aan hem denkt dan
fonkelt de ring dat het een lieve lust is. Ze houden zielsveel van elkaar maar
helaas kunnen de adellijke nachtvlinders niet altijd bij elkaar zijn. Dat heeft
zo zijn redenen. Laten we zeggen dat het een mengelmoes is van liefde voor
elkaar, een hoge mate van trots, verschil in karakters, buitengewone
omstandigheden, tijdgebrek en verplichtingen elders. Daarom leeft de zeer
aantrekkelijke, atletisch gebouwde markies Moerazinder op enige afstand in een
naburig bos.’

Fay trekt de lakens behaaglijk iets omhoog en glimlacht om
de herkenbare beeldspraak.

‘Tijdens zwoele zomernachten bij warm weer en bij de juiste
windrichting, geeft prinses Tintelding geursignaaltjes af om haar markies te
lokken. Ze spreidt de vleugels iets uit elkaar om het uiteinde van het
achterlijf te tonen. Een kleine glinsterende geurklier wordt daardoor naar
buiten geperst. Uit deze geurklier ontsnapt een bepaalde geur. Signaalmoleculen
die boodschappen overbrengen worden in de lucht gesproeid. Als de
nietsvermoedende markies zo’n uitgezonden stofje opmerkt laat hij alles uit
zijn handen vallen om nerveus en opgewonden prinses Tintelding op te zoeken en
met haar te paren.’

Jax kiest zijn woorden zorgvuldig en gebruikt expres het
woord ‘paren‘. Hij kruipt iets dichterbij en ruikt aan Fay’s haren. Proeft hoe
ze ruikt. Hij herkent haar geur uit duizenden. Zou het moment van toelaten dan
nu zijn gekomen? Soms wordt het Fay al snel te warm of begint haar arm
zwaar te tintelen. Het is dan altijd even zoeken, draaien en voelen naar een
evenwicht in positie. Voorzichtig, Fay gruwt van onverwachts tè intiem
aanraken, legt Jax zijn hand neutraal op haar buik en gaat verder met zijn
verhaal.

“Markies Moerazinder de nachtvlinder, heer van het
turfmoeras, is uitgerust met één grote gevoelige antenne. Normaal zou een
volwassen dennenkrombuigmot mannetje twee geveerde voelhoorns hebben. Maar onze
markies was, na een heimelijk nachtelijk bezoek aan prinses Tintelding,
met een enorme snelheid tegen een tak van zo’n gekromde pijnboom aangevlogen.
Was het door jeugdige overmoed of was hij dronken van verliefdheid, wie zal het
zeggen? In het turfmoeras hadden ze geen kromme bomen. Hij is daarbij één
antenne verloren. Het heeft even geduurd, maar hij heeft geleerd goed met zijn
handicap om te gaan.’

Fay fronst haar wenkbrauwen. Weer zo’n een subtiele hint?

‘Hij kan zelfs met die ene voelspriet één enkel molecuul van
een feromoon kan detecteren dat prinses Tintelding afgeeft. De knapperd! Bij
lage concentraties resulteert dat nog wel in een grillige zigzagvlucht in de
richting van het lokkend stofje. Vooral bij grote afstand. Maar zijn vlucht
wordt steeds stabieler als hij met zijn geveerde antenne steeds meer
seks-lokstof opneemt. Dichter bijgekomen neemt de markies haar geur steeds
beter waar en gaat hij recht op zijn doel af. De krachtige lichtblauwe
fonkeling van de twinkelring helpt hem bij het navigeren in de nacht.’

Jax probeert naar Fay toe te draaien om haar te kussen, zijn
hand glijdt behoedzaam verder naar onder. In gedachten verzonken ontvangt Fay
zijn toenadering en kust vluchtig terug, maar zijn hand houdt ze tegen.

“Maar hoe kunnen die nachtvlinders nu die bomen hebben
verbogen’, vraagt ze nadenkend.

Nee alsjeblieft, niet denken. Geen rationaliteit nu! Hoppa,
alle magie weg. Jax had het kunnen weten. Haar kritisch intelligente vragen
zouden vanzelf komen. Verdwaald in zijn eigen vertelling denkt hij koortsachtig
na hoe hij de leemte in het verhaal kan dichten.

‘Het voorstadium van de vlinder is de rups. De jeugd hoeft
alleen maar te eten, groeien en volwassen worden. Vooral op jonge boompjes
kunnen de larven aardig tekeergaan. De vraatsporen en uitwerpselen zijn vaak
goed te vinden op de gebogen stam. Misschien dat ze het prettiger vinden om de
zuidkant van de boom te nemen. Lekker eten in de warme zon. Ze vieren het licht
en drinken het zonlicht op. Waarschijnlijk kunnen de boompjes niet goed tegen
dat gekietel, ze maken daarom een langdurige ontwijkbeweging en zo groeit de
boom aan één zijde langer door. Vandaar de vorm.’

‘Komt dat zonlicht dan door in dat bos?’

‘Vast wel.’

‘En die rupsen van de nachtvlinders… eten toch vooral loof?’

‘Ja bijdehandje’, zucht Jax, ‘maar deze Heterocera
piceacurvus noctua lucens rupsen lusten alleen de schors van de zuidkant van
kromme pijnbomen’. Kennelijk moet hij nog even door!

Fay voelt en hoort de irritatie in zijn te nauwkeurig
uitgesproken antwoord. O jee, ze bijt op haar lip, deed ze het weer?

Ja, ze deed het weer!

***

‘Sfeertje’, riep Jax bestraffend toen hij bij binnenkomst de
kat plukken wol uit Fay’s Merino schapensloffen zag klauwen. Vliegensvlug
maakte Sfeertje zich uit de pootjes. Jax hoorde dat Fay in de slaapkamer bezig
was, wilde haar begroeten en liep de trap op. Ter verwerking van haar eigen
problematiek had ze de ragebol agressief door de oksel van het plafond
gesleurd. Jax zag de krassen op het stucwerk. Fay was bezig met het verschonen
van het bed en met een aanvankelijk lichte aarzeling hielp hij haar het dekbed
glad te trekken. Bloemetjes? O jee, werd het weer zo’n avond?

Ze waren nooit een stel geweest dat elkaars zinnen afmaakte. Geleidelijk aan zijn ze vermoeide
partners geworden, die door de lange reis opgehouden waren met naar elkaar te
luisteren. Fay zat aan haar vaste plek aan de tafel. Jax slikte toen ze hem het
voorstel deed en keek naar haar gezicht. Het besef drong door dat hij weer eens
verstrikt was geraakt in een totaal verkeerde inschatting van haar
gemoedstoestand. Hij had juist het idee dat het de laatste tijd al veel beter
ging samen. Jax voelde zijn woorden al van zijn hersens naar zijn stembanden
afdalen om een sarcastische opmerking te plaatsen, maar hield zich in. Fay zou
het niet begrijpen. Dit was een wedstrijd die niet gewonnen kon worden. Hij
stelde gelaten de wedervraag: ‘En jij dan?’

Alleen zijn is soms lastig. Maar samen zijn is vaak nog
moeilijker. Laten we eerlijk zijn. Soms is het wat het is en is er verder niets
aan te doen. Dan moet je kunnen accepteren, loslaten en kijken hoe dat je er
samen het beste van kunt maken. Daarom hebben ze samen besloten dat het best
voor iedereen was dat Jax zijn koffers zou pakken. Niet voorgoed. Noem het een
latrelatie. Ze zouden wel zien wat de toekomst hen zou brengen. Fay en Jax
hielden van elkaar. Maar op de één of andere manier konden ze niet met maar ook
niet zonder elkaar. Er was moed voor nodig om een ander pad te kiezen dan ze
zich aanvankelijk hadden voorgesteld. Jax hield de sleutel van haar woning.
Zodat bij hartstochtelijke behoefte aan lust, genegenheid en liefde, hij ook
diep in de nacht bij haar kon schuilen.

Spannend vond Fay het. Toen ze voor de eerste keer in haar
slaap stiekem een naakte man tegen zich aan voelde vleien en ze heerlijk van
achter bij haar borsten werd vastgepakt. Om dan sluimerend, verschrikt tot het
besef te komen dat ze wel eens door een totaal wildvreemde van achter genomen
zou kunnen gaan worden. Het vertrouwen in Jax was volledig. Dat wel. Ze herkende
ze zijn geur, zijn manier van voorzichtig toenadering zoeken en zijn
ademhaling. Maar in het halve droommoment was ze er nooit helemaal zeker van.
Wie zegt dat het Jax was die daar midden in de nacht intiem tegen haar
aan schurkte?

Altijd even zoeken naar de juiste positie. Het moest passen.
Hij lepeltje-lepeltje tegen haar rug. Zij, zoekend met haar billen uitnodigend
naar achter om met haar bilnaad zoveel mogelijk contact te maken met zijn
welwillende pik. Hij, met gretige grip haar bovenliggende borst vastnemend.
Wijsvinger en duim strategisch vrijgehouden, mocht er strakjes onverhoopt
gebruik gemaakt moeten worden van extra triggerpoints, zijnde haar tepels. Als
Fay éénmaal geestelijk de acceptatie had bereikt en voor het minnekozen open
stond, kon het snel gaan. Vrijen is klaarblijkelijk een mindset. Ze hoefde zich
alleen maar op het juiste ogenblik in zichzelf te keren en te concentreren.
Tintelend van ingehouden verwachting was de vochtigheidsgraad in haar onderbuik
in no time jaloersmakend hoog. Op zo’n moment zat Jax soms al in haar voordat
ze zich om kon draaien. Ze ontving zijn in tempo opstuwende stoten met snel
toenemende gretigheid.

Maar soms wanneer Fay meer tijd nodig heeft, als ze niet in
de stemming is, of als dag niet gegaan is zoals ze zich had voorgenomen, dan
wil ze altijd onder haar bloemetjes dekbed slapen. Voor Jax een teken dat hij
haar met omzichtigheid moet benaderen. Jax doet dan meer zijn best om met
begrip en geduld naar haar problemen te luisteren. Hoe langer hij naar haar
luistert hoe meer hij hoort hoe zij zichzelf antwoord geeft. En soms…soms bij
voldoende inspiratie, vertelt hij haar een verhaal. Een verhaal om de kat bij
de melk te zetten. Een verhaal om langzaam en met rustige stem haar mindset te
verleiden.

En dit…dit is zo’n avond!

***

‘Weet je wat ik denk?’, fluistert Jax in haar oor. Fay haalt
haar schouders op en draait haar hoofd verwachtingsvol naar hem toe.

‘Ik heb het sterke vermoeden dat het ‘luisterbomen’ zijn.
Laag bij de grond maken de boomstammen een abrupte kromming naar beneden, om
vervolgens in een sterke boog weer omhoog te groeien. Je kunt dus best op het
begin van de stam gaan zitten. Als je tegen ze praat, neigen ze naar je toe om
een goede luisterhouding aan te nemen. Ze buigen zich over je heen. De boom
ontfermt zich zo ook fysiek over de spreker en biedt als het ware een beetje
troost. Het verhaal gaat dat er bomen bij zijn die er ruim vóór de tweede
wereldoorlog al stonden. Die bomen moeten toch heel wat gevoelige verhalen
hebben aangehoord. Het zullen niet voor niets ‘pijnbomen’ zijn? Aangezien ze in
de loop der jaren al vele malen in vertrouwen zijn genomen, zijn ze
waarschijnlijk zo gegroeid.

Als de nacht dreigt te vallen, begeleiden de
Dennenkrombuigmotten op bevel van de luister van het luisterbomenbos, prinses
Tintelding, alle menselijk aanwezige personen in het bos vriendelijk maar
beslist naar de bosgrens. Zwevend tussen begrip en ongeduld blijven ze om hun hoofd vlinderen; of de plakkers nu toch
eindelijk ook daadwerkelijk willen vertrekken! En als dan alles tot rust is
gekomen, dan komen de bomen tot leven. Heel geleidelijk zoeken de luisterbomen
elkaars warmte op om troost en liefde te vinden.’

Jax vleit zich voorzichtig dichter tegen Fay aan. Fay
antwoordt door genoeglijk met haar rug naar hem toe te schuiven.

‘Door hun specifieke vorm gaan ze dan ‘lepeltje-lepeltje’
tegen elkaar aan staan. De vrouwelijke bomen met hun prachtige curve en de
mannelijke bomen met hun krachtig gekrulde vorm. Elke boom zoekt dan zijn/haar
eigen partner. En weet je? Sommigen passen perfect en vloeien in elkaar
alsof het één boom is. En als het dan een beetje wil, dan hebben ze een hele
fijne nacht samen. Met misschien volgend jaar wel een krom babyboompje erbij in
het bos. Of als het er veel zijn dat jaar, een ‘babyboom’!’

Grinnikend glimlachend duwt Fay haar billen naar achter.

‘Oeps, wat voel ik nu?’ Ze steekt haar hand tussen hun in en
neemt zijn erectie in haar hand.

Ferme grip. ‘Het klopt’

‘Ja, hij klopt al een tijdje’, antwoordt Jax droog

Lachend: ‘volgens mij ben jij uit hetzelfde hout gesneden.
Tenminste als ik de mate van kromming zo voel, dan heb ik nu de juiste
luisterboom gevonden’.

Ach ja, het duurt even, maar dan heb je ook wat!

Sfeertje springt op het bloemetjesdekbed, nestelt zich aan
het voeteneind en spint intens. Het snorrend geluid is een teken van
welbevinden. Jax reageert met een volstrekt begrijpelijke en legitieme reactie.
Hij strekt rap zijn been onder de lakens om Sfeertje met een minder subtiele
voetbeweging rigoureus van het bed af te tikken. Opzouten! Geen pottenkijkers
nu. Je gaat als kat toch niet op hetzelfde bed liggen spinnen terwijl hier zij
hier hartstochtelijk aan het ‘bomen’ zijn!

Zijn we hier getuige van de geboorte van een nieuwe betekenis van het werkwoord ‘bomen’? ‘Bomen’
in de ervaring van een zeer prettige, stille manier van communiceren. Zonder
woorden, knuffelend bomen! Heel bijzonder.

Om het extra feestelijk te maken kan je ‘bomen’ ook luister
bijzetten door er ‘luisterbomen’ van te maken. Dat is luisteren met een enorm
knuffelgehalte. Erg speciaal!

En zij boomden in deze erotisch onrustige nacht, nog diep en
gelukkig.

***

’s Morgens, in het sluimerende moment tussen slapen en
wakker worden, gaat de wekker af en wordt met een ferme tik afgezet. Een doezelmoment
van acht minuten. Een gelukzalig moment van wakker worden doordringt Jax lijf
als hij beseft dat Fay naast hem ligt. Hij strekt zijn benen en rekt zich uit.
Een herkenbaar kreuntje naast hem, een woelend draaimoment in bed en die
voelende, zoekende hand van Fay. Strelend en gericht op zijn onderbuik. Haar
ochtendritueel; ‘s morgens moet Fay altijd weten hoe Jax vriend erbij
ligt,…of staat. Bij de laatste ‘status’, is er immer haar gelukzalige
glimlach. Een vriendelijk kneepje in zijn pik als afscheid is dan het begin van
de dag. Hup, eruit jongen, douchen!

Maar vandaag niet. Fay komt lepeltje-lepeltje tegen zijn rug
aan liggen en streelt over Jax buik. Neemt zijn licht gekromde erectie ter hand
en komt bedachtzaam zacht fluisterend met haar prangende vraag:

‘Is ze knap… prinses Tintelding?’

© Mikes

Graag jouw waardering als reactie onder dit verhaal



KONIJNTJE deel 2

Mikes. Posted on do, september 13, 2018 15:06

KONIJNTJE deel 2
Wat vooraf ging

Enkele weken later kwam Rock
Jeanette tegen in een totaal andere setting. Dit keer in zijn territorium. Rock
zag haar bij een voetbalwedstrijd in het vak voor VIP-supporters. Opvallend
gekleed in een paarse jurk met overslaglook met daarover een colbert. Zijn club
speelde een thuiswedstrijd en in de eerste helft was er impulsief in zijn hoofd
een gevaarlijk en gewaagd plan ontstaan. Niets tegen Quinte zeggen. Die zou het
hem gegarandeerd afraden.

Rock bleek nog niet klaar te zijn
met deze, in zijn ogen, verwende en verwaande vrouw. Als ze dacht iedereen voor
haar karretje te kunnen spannen had ze het mis. Voor zijn gevoel diende er nog
iets rechtgezet te worden. Hij voelde zich te trots om als nietszeggend
lustobject te worden behandeld. Nee, zijn zeik maakte ze niet lauw. Te vaak had
Rock de afgelopen weken onder het witgoed spijt gehad van zijn lethargisch en
slaafs handelen destijds. Zijn arme lakens hadden het bij zijn wraakfantasieën
zwaar te verduren gehad en zeker niet droog kunnen houden.

Het stond 2-0 en de pauze naderde.
Staande tussen zijn maten op de tribune voelde Rock zich al snel overmoedig.
Zeker bij het euforisch verloop van de wedstrijd. Rock was snel overprikkeld,
van nature verlegen of een beetje geïntimideerd in drukke menigtes of tijdens
het uitgaan. Hij blufte zichzelf er dan vaak doorheen. Bravoure was zijn troef
en zijn gedrag kon dan wel eens doorslaan. ‘Ontremd’ was misschien het goede
woord. Opgejaagd door zijn rusteloze gedachtes overkwam hem een fenomenale lust
tot actie en werd hij voortgedreven door een soort woedende energie. Het leven
moet gevierd!

Rock was met Quinte op de motor
naar het stadion gekomen en had zijn leren outfit aan. Normaal een
geaccepteerde kledij in het supporter vak, maar het stond echter ordinair in de
VIP locatie waar hij ze van plan was te ontmoeten. In de zaal met de skyboxen
werden veel zaken gedaan door de sponsoren van de club en hun genodigden. Hardwerkende
mensen dat wel. Ambitieus ook, op een plek die zelf ook ambities had en veel
van hen eiste. Rock zag het allemaal iets anders. Als hij er goed over nadacht
kon hij het wel relativeren maar daar had hij geen behoefte aan. Nuancering
kost energie en moet zinvol zijn om te blijven doen. In zijn ogen was het een
groep poenerige personen. De mannen stonden netjes in het pak, kusten hun bier
en deden te nadrukkelijk voorkomen geïnteresseerd te zijn in hun
gesprekspartner. Terwijl hun vrouwen met netwerkogen en overdreven alerte
mimiek, driftig rondkeken of ze iemand herkenden die iets voor hen kon
betekenen. Wat haatte Rock deze ruimte. Vriend en collega hooligan Quinte gaf
al aan dat het er te zeer riekt rook naar ‘fundamentele
attributiefouten’. Waar hij dat nou weer vandaan had gehaald? Zeker een boekje
gelezen. Maar hij had gelijk. In Rock’s eigen woorden was het er onecht en
behoorlijk egocentrisch. Ach, iedereen heeft recht op zijn eigen problemen.

Door de vrouwen werd Rock bekeken,
beoordeeld en direct arrogant uitgekotst. Een oppervlakkige beoordeling op
uiterlijk. Klaar binnen een milliseconde. Hij voelde het gebeuren maar het
deerde hem niet. Zelfverzekerd ging Rock recht op zijn doel af. Het lukte om
oogcontact met Jeannette te krijgen en hij bespeurde bij haar een lichte schrikreactie.
Een beveiligingsbeambte zette een stoppende hand op zijn borst. Rock keek hem
aan en plukte de hand weg. Bij een ontmoeting met de macht kreeg Rock altijd
een ondermijnende twinkeling in de ogen.

ID? Geen idee!

Rijbewijs? Niet bij.

Hij was toch met de motor waarom
anders die kledij, dan mag je toch verwachten dat je je rijbewijs bij hebt,
hield de beveiliger vol. Rock probeerde de wijze man duidelijk te maken dat hij
een bekende had gezien die hij graag alleen maar even zou willen spreken. De
‘slimste mens’ bleef echter irritant voor hem staan. Niet echt snugger van hem!
Uiteindelijk vroeg Rock dreigend of hij nu eindelijk wilde opsodemieteren. Je
kunt je werk ook té serieus nemen.

Tussen de massa zag hij mevrouw
Jeannette een geruststellende hand op de revers van haar man leggen. Armando,
gegoten in zijn Armani kostuum. Rock grinnikte toen hij ‘Pietertje’ zag, zijn
maat Quinte had eens gevat opgemerkt, dat tijdens het gieten iemand toch echt
wel vergeten was ‘stop’ te zeggen. Jeanette kwam meanderend op Rock toe lopen
en bezwoer de commotie met de denigrerende vraag.

“Ben jij niet dat mannetje dat bij
ons geprobeerd heeft de voortuin te reorganiseren?”

Rock voelde een stuwing opkomen.
Een vlam ontsprong in zijn hoofd. Mannetje? Bovendien…, is weken professioneel
hard werken ‘proberen’? Het bloed werd onder de nagels vandaan gezogen. Mocht
hij al enige twijfel hebben dan was deze nu volledig weggevaagd. Het linke mengsel
van adrenaline en hormonen die bij Rock opspeelden, was niet meer te temmen.
Hij ging de wheely maken het spel meespelen.

“Kan ik je even privé spreken, het
is nogal van belang?’ Vroeg Rock, haar nieuwsgierigheid tartend”.

Jeanette was even van haar stuk
gebracht. Snel zocht ze oogcontact met Armando die hun scherp in de gaten
hield. Ze stelde haar man met een kleine hoofdknik en een knipoog gerust.
Gelukkig continueerde hij zijn ongetwijfeld zeer interessante conversatie met
zijn zakenrelaties.

“Vertel, ik luister”.

“Niet hier”, siste Rock. Hij nam
haar bij de hand, knikte geruststellend naar de beveiliger en trok haar tussen
de mensenmenigte door. Zijn hart ging tekeer van opwinding. Bij de deur
aangekomen keek hij nog even over zijn schouder. Pietertje had niets in de
gaten. Afleidend babbelend leidde Rockrigoreus haar via de trap naar beneden de
catacomben in.

Achter in de hal wist Rock een
vergaderruimte die zeker op dit moment niet gebruikt zou worden. Gaandeweg werd
Jeanette, ofschoon opgewonden nieuwsgierig, toch ongerust en begon tegen te
sputteren. Ze verzwikte haar enkel doordat ze op haar hoge hakken zijn tempo
van lopen nauwelijks bij kon houden. Het verhaal van zijn leven; altijd te
impulsief en te bruut. Op de vraag wat hij van plan was, gaf Rock het eenvoudige
ontwijkende antwoord.

“ik ben nog niet klaar”. Rock trok
haar rigoureus voort tot in de vergaderkamer. Gooide de deur achter haar dicht
en drukte haar met zijn gespierde lichaam klem tegen de deur. Hij kuste haar
rigoureus vol op haar mond en hartstochtelijk begon hij haar borsten te kneden.

Haar reacties had Rock juist geschat.
Na een kort moment van schrikherstel beantwoordde Jeanette geladen met een
instinctieve geilheid zijn ruwe tongzoen en plaatste haar onderbeen in zijn
knieholte. In deze omstrengeling trok ze zijn kruis krachtig tegen zich aan en
greep, kraste en kneep in zijn gespierde rug onder zijn openstaande leren jack.
Rock duwde zijn hoofd in haar nek, rook haar parfum, duizelde ervan en likte
indringend haar nek. Ze kreunde. Kippenvel stond op haar huid. Rock grinnikte.
Beet! Met zijn grote handen graaide hij naar haar volle billen en trok ze bruut
uit elkaar. Hij trok de onderkant van haar jurk omhoog en greep met één hand
van boven in haar slip. Veel tijd was er niet, het moest snel gebeuren.

Rock stak direct één vinger van
achter tussen haar lippen. Mmm, lekker vochtig. Met zijn wijsvinger begon hij
te trillen. Een herkenbaar kreunend geluid was haar directe antwoord. Hij
besloot deze hand zijn positie te laten behouden en met zijn andere rukte hij
in één beweging haar hemdje en bh naar beneden. Ze stuwde haar bekken naar
voren en bood met een holle rug haar borsten aan. Ze trok zijn hoofd naar haar
borst. Als logisch gevolg nam hij haar tepel tussen zijn lippen. Licht zout
transpiratievocht maakte Rock zo mogelijk nog geiler. Zachtjes bijtend
hoorde hij haar gejaagd hijgen. Hij voelde en hoorde haar hart enorm tekeer
gaan. Zijn hand vond zijn weg naar onder om haar soppend kruis van voren en van
achter volledig met zijn handen te omvatten. Met in elkaar gevouwen handen
tilde Rock haar met kracht op. Jeannette was in alle staten, had een gigantisch
geile blik in haar ogen en reed wild wiebelend haar klit tegen zijn gehoekte
pols. Ze trok zijn T-shirt omhoog en rukte met enige moeite de gulp van de
zwarte leren broek naar beneden. Zijn harde pik werd flink ter hand genomen en
ze draaide haar gekromde vingers enkele malen stevig om zijn glanzende eikel.

“Pak me”, was haar dwingende
vraag. Met omfloerst samengeknepen ogen keek Jeanette hem aan.

“Heb je een condoom bij je?”

Natuurlijk. Welke vent van zijn
leeftijd heeft in het weekend geen condoom op zak. Hij draaide haar gezicht
naar de deur en schopte dwingend met zijn voet tegen haar enkels zodat ze
breeduit met haar benen gespreid voor hem stond. Jeanette slaakte een kreet van
de pijn aan haar enkel. Rock beet met zijn tanden in de condoomverpakking en
scheurde hem open. In een haastige, routinematige beweging werd het zacht,
weeïg ruikend rubber de verpakking van zijn stijve.

Snel nu. Weg met die slip. Met de
vingers gehaakt achter het elastiek op haar heupen scheurde hij het katoenen
lapje kapot. Haar bekken trok hij heftig naar zich toe. Om niet voorover te
vallen zocht Jeanette met haar platte handen steun tegen de deur. Rock stond
achter haar en rook haar geile nat en moest zich beheersen om niet direct door
te stoten. Ze gooide haar hoofd in haar nek en duwde haar volle billen naar
achter om zijn rechtop staande keiharde pik op te zoeken. Rock plaatste zijn
eikel dreigend tussen haar lippen maar weigerde door te drukken. Wat hem op een
verontwaardigd gekreun kwam te staan.

Met zijn eeltige handen gleed Rock
in een masserende beweging over haar rugspieren. Langzaam, vanaf haar
bekkendriehoek tot aan haar nek. Hij volgde de lijnen van haar prachtige taille
met zijn vingers. Ze werd hierbij gedwongen om verder voorover te bukken en
haar billen kwamen op deze manier prachtig naar achter. Rock rook wederom haar
geile vocht en genoot van het hunkerend uitgesproken ‘Schiet op’, van Jeanette.
Hij duwde langzaam zijn bekken tegendraads naar voren. Jeanette kwam hem
gierend over de volle lengte tegemoet. Zijn pik werd diep vastgezogen. Wat een
heerlijk gevoel. Rock verhoogde het tempo als een locomotief die zichzelf
langzaam op gang trekt. Om de sfeer te verhogen boog hij over haar rug om met
één hand haar borst te kneden. Zijn vingers graaiden gretig over haar tiet en
knepen in haar stijve tepel. Deze experimentele houding kon hij echter niet
lang volhouden. De gestage frequentieverhoging van zijn stoten werd door
Jeanette met verve jachtig beantwoord. ‘Wiebelen’ kon je het echt niet noemen.
Rock ging rechtop staan om zich te concentreren op zijn locomotion. Haar licht
gebogen benen trilden van de spanning.

“Kom maar konijntje doe maar… kom
maar… doe maar… kom op konijntje, ah… bij de konijnen af!”

Het tempo was ziedend geworden en
zijn bewegingen werden in zijn hersenen automatisch overgenomen door een
primitief oer-niveau waardoor er geen weg meer terug was. Met beide handen op
haar bekken trok hij Jeanette om zijn paal. Met open mond en zijn hoofd
achterover hield Rock het niet meer en spoot zijn zaad met een diepe gedempte kreun,
schokkerig in het elastische rubber. De spiertrekkingen van zijn lichaam werden
in gebogen toestand over haar rug opgevangen en aan haar doorgegeven. Aan het
trillen van haar lichaam en aan haar verbale reactie te horen was ze in
dezelfde reflexmatige staat gekomen. Een intens orgasme was haar deel.

Snel trok Rock zich terug en begon
aan het fatsoeneren van zijn kleding. Jeanette stond nog met gespreide benen en
voorover, met haar handen tegen de deur na te hijgen. Rock raapte de
overblijfselen van haar slipje snel van de grond en stak ze in één beweging
zijn broekzak. Tempo nu, ze hoorden het publiek al joelen. De pauze leek
voorbij.

Dan… Een hoop kabaal en
schreeuwende stemmen. Het portier (is van auto) De deur van de kamer werd ruw
open geduwd. Hevige paniek bij Jeannette. Ze gilde en kon ternauwernood de
zwaai van de deur ontwijken. Haar man Armando kwam binnengestormd met een
aantal suppoosten. Op de vraag wat dit te betekenen had was het beverige,
snikkend, fakend en Calimero-achtig antwoord van mevrouw dat Rock haar hier
zojuist aangerand zou hebben.

Had hij van haar anders kunnen
verwachten?

Gevolg; ongepolijst gevloek en
zeer beledigende opmerkingen van Armando aan het adres van Rock. Weer dat
pedant wijzend vingertje van hem. Scheen mode te worden. Rock mocht ‘Pietertje’
eigenlijk van begin af aan al niet. Hij greep hem vast en probeerde Rock te
stompen. Rock gaf nog aan dat hij deze reacties niet zo bijzonder kon
waarderen, maar meneer Armando wilde niet luisteren. Integendeel. Zijn vriend
Quinte die bezorgd naar Rock op zoek was gegaan, rende met een angstig
voorgevoel op het geschreeuw en de commotie af. Hij zag het aantal personen en
de ongelijke strijd en wilde het voor Rock opnemen. Maar hij werd non-verbaal
direct met een frons en een kort hoofdschudden door Rock ingeseind; niet mee
bemoeien. De hooghartige beledigingen aan het adres van Rock werden steeds
erger en heviger. Totdat hij kleinerend met ‘Rokkie’ aangesproken werd. Niet
echt pienter van Pietertje.

Tintelingen in Rock’s hoofd, een
waas voor zijn ogen, een opwelling van adrenaline en kracht die zich in zijn
lichaam samenbalde. Een ander oer-niveau werd zodanig in zijn hersenen
geactiveerd dat onderdrukking van deze stimuli door zijn bovenliggende
hersenniveaus onmogelijk meer plaats kon vinden. De keuze van zijn wapens overkwam
Rock. Een linkse directe gevolgd door een gerichte rechtse hoek frontaal op
zijn kin waren ruimschoots voldoende voor een volledige knock-out. Flauwe vent!

Gillend van schrik en paniek dook
Jeannette huilend op haar Armani. Daarna een hoop geduw en getrek met een
viertal suppoosten. Stelletje lafaards. Één op één durfden ze niet. Rock had ze
echter niet teruggeslagen. Hij had geen problemen met deze gasten. Zij deden
tenslotte waar ze voor betaald werden.

Toen Rock vermoeid werd afgevoerd
twijfelde hij in een fractie van een seconde tussen het werpen van een zeer
gemeende, minachtende blik of een totaal glashard negeren van haar
aanwezigheid. Hij koos voor het harde glas. Rock was volledig klaar met haar.
Kudwijf!

***

De klodder spuug is geleidelijk aan
viskeus naar beneden gekomen en op de grond uiteen gespat. Doordat zijn mond
van binnen enige niet egale stukjes vertoond zit bij de lichtgele klodder een
beetje rood. In zijn hoofd zit een warboel van gedachten, gevoelens en losse
eindjes. Rock heeft er vannacht in deze cel van wakker gelegen. Onder bepaalde
omstandigheden en rekening houdend met de emotionele situatie kan iedereen
gevaarlijk worden. Maar Rock is niet gevaarlijk. Hij komt alleen niet zo over.
De realiteit is ook heel verwarrend.

Boosheid is zijn primaire reactie
op verlies, al sinds zijn jeugd en dat is ook nu zijn belangrijkste gevoel op
dit moment. Woedend is hij. Op zichzelf, op anderen en op de omgeving. De
bevrijdende, ontembare razernij is voorbij. Daarvoor zit hij hier nu opgesloten.
Wat op dit moment resteert, is boosheid maar van een ander, volwassener soort.
Eerder een vruchtbare emotie. Woede als noodzakelijk voorportaal van
verwerking. Gekanaliseerde woede die verandering afdwingt. Want dat er iets
moet veranderen aan zijn eigen gedrag is Rock wel duidelijk. Verbetering begint
met de erkenning dat er iets aan de hand is. Niet met smoesjes.

Rock trekt zich moeizaam omhoog en
haalt een schlemielig katoenen stukje textiel uit zijn broekzak. Boos werpt hij
het kleffe slipje van Jeanette op zijn vochtig product. Er wordt aan de deur
gemorreld en deze gaat knarsend open. Men roept zijn naam.

“Rock,…”

“Geen Rokkie!” Geeft hij
geïrriteerd als antwoord.

Rock wordt opgehaald en door twee
personen begeleid naar een kamer met een tafel, een paar stoelen en een laptop.
De vraag wordt gesteld of hij een verklaring wil afleggen.

Soms zijn er van die
omstandigheden in het leven dat je je woorden zorgvuldig moet kiezen. Vaak is
de situatie dusdanig dat het beter is om zo min mogelijk naar buiten te
brengen. Meestal is het dan nog het meest tactvol om helemaal je mond te houden
en vooral niets te laten blijken. In navolging van de consumentenbond neemt
Rock de ‘beste keus’.

Bovendien, wat zou hij moeten
zeggen? Dat het hem allemaal overkomen is? Dat hij in een baldadige bui in hun
tuin met de slijptol de tralies strategisch door heeft geslepen, zodat de
rotsen te zijner tijd naar eigen wens uit de steenkorf de vrijheid tegemoet
kunnen rollen. De vrijheid tegemoet. Wie kan daar nu tegen zijn? Nee,… het is
niet het moment. Laat ze het uitzoeken.

Rock wordt beschuldigd van
allerlei zaken als openbare geweldpleging, aanranding, verkrachting en van het
publiceren van belastende videobeelden op sociale media. Het eerste hoort hij
stoïcijns aan, maar bij de laatste aanklacht is hij op zijn hoede. Direct
daarna wordt hem indringend gevraagd of hij bekend is met, dan wel meer weet
over het filmpje, dat sinds gisteravond viraal gaat op sociale media. Rock
heeft werkelijk geen idee waar het over gaat. Hij krijgt te horen dat
journalisten Jeanette hebben opgespoord. De beambten confronteren hem met de
reportage inclusief de bewuste film zoals gepubliceerd door de lokale pers. Het
scherm van de laptop wordt naar hem toe gedraaid.

What the fuck! Rock ziet tot zijn grote
verbazing Jeanette naakt in haar woonkamer rondlopen. Hij wordt rood en is
verbijsterd over deze nieuwe ontwikkeling. Zijn hoofd tolt, ademt snel en hij
probeert koortsachtig na te denken. Wat is hier aan de hand? Met enige gêne
kijkt hij nieuwsgierig naar de verontwaardigde verklaring van Jeanette op de
video.

“Het rolgordijn is altijd dicht.
En je verwacht dit toch niet. Ik ben in mijn eigen huis. Iedereen loopt zo wel
eens door het huis, maar het is toch niet normaal dat mensen het dan gaan
filmen en het op internet zetten? Een vriendin stuurde mij vanmorgen dit filmpje
met de tekst; ben jij dit?” “Ik ben erg geschrokken. Ik heb direct Armando mijn
man gebeld. We hebben geprobeerd het filmpje zoveel mogelijk van de sociale
media af te krijgen, maar dat valt nog niet mee.”

De journalist gaat verder in zijn statement.

“We hebben navraag gedaan bij de
directeur van het tuinbedrijf waarbij de persoon of personen werken die volgens
betrokkene zeer waarschijnlijk het filmpje heeft gemaakt. Hij geeft aan de gang
van zaken ten zeerste te betreuren. Dit filmpje is mij niet bekend en dat het
op internet geplaatst wordt is betreurenswaardig. We zullen navraag doen onder
onze werknemers van ons bedrijf, maar vooralsnog gaan we ervan uit dat de
schuldige niet onder onze medewerkers te vinden zal zijn. Wij zullen mevrouw
Jeanette een bos bloemen sturen. Hopelijk zal ze zich snel over het voorval
heen kunnen zetten”.

Inmiddels schijnt de halve
provincie haar in vol ornaat gezien te hebben. Via WhatsApp en Facebook gaan de
beelden van een blote Jeanette rond. Ze was zich van geen kwaad bewust toen ze
op die bewuste dag de douche uitstapte. Jeanette heeft aangifte gedaan en vindt
dat de mensen die het filmpje online hebben gezet, gestraft moeten worden. Ze
wil het voor de rechter te laten komen in verband met de schending van de
privacy. Duidelijke zaak. De persoon in kwestie is goed nat.

Rock besluit niets te zeggen. Wat
moet hij zeggen? Een vriend verlink je niet. Alles wat hij nu zegt kan tegen
hem gebruikt worden.

© Mikes

Graag jouw waardering als reactie onder dit verhaal



KONIJNTJE deel 1

Mikes. Posted on ma, september 10, 2018 13:32

KONIJNTJE deel 1

Hij ligt op zijn rug op het enige bed in de kale kamer,
handen onder zijn hoofd gevouwen. Een bonkende hoofdpijn heeft zich als partner
opgedrongen. Fors schraapt hij zijn keel, haalt het slijm op en spuugt met
kracht de flinke fluim tegen het plafond. Rock kijkt naar zijn creatie recht
boven zijn hoofd. Het is een teken van onmacht, verzet, woede en frustratie.

Goed, hij is misschien in de fout gegaan. Men vindt dat hij
zich onbehoorlijk gedragen heeft. Dat zou niet de eerste keer zijn. Maar vreemd
genoeg toont hij geen spijt van wat er is gebeurd. Hij behoort niet tot het
type dat weg loopt voor zijn verantwoordelijkheid. Maar, wat ging er nou
allemaal mis?

Kermend gaat de ijzeren deur van het arrestantenlokaal open.
Zijn naam wordt geroepen.

“Rock,…

“Geen Rokkie!”, Is zijn dreigend antwoord. Dit gaat nog wat
worden!

***

Zijn werkgever had een project aangenomen om de voortuin van
een rijke familie totaal te renoveren. Een tiental dagen was hij hier al bezig.
Zijn maat Quinte was er al langer en had al veel voorbereidende werkzaamheden
verricht. Het behelsde een complete aanpak van een voortuin van zo’n zeshonderd
vierkante meter. Toe maar. Daar kon het totale grondgebied van zijn huurwoning,
inclusief tuin, vier keer in. Rock wist niet dat er zulk een rijkdom in
Nederland was en had in het begin zijn ogen uitgekeken. In wat voor een weelde
wonen deze mensen? Wat een opsmuk. Nooit thuis en altijd werken. Een
prachtpraal in huis en nimmer de tijd om er echt van te genieten. Lekker belangrijk
ogen en aan de buitenwereld tonen dat je er toe doet. Hij zal hun wereld wel
nooit begrijpen. Maar naar zijn bescheiden mening zit de grootte van een mens
niet in zijn rijkdom.

Het is hard werken om als eenvoudige starter überhaupt zijn
huurwoning te kunnen betalen. Laat staan dat hij een huisje kon kopen.
Onmogelijk met de huidige krankzinnige huizenprijzen. Niet dat Rock jaloers
was, maar sommige zaken leken in zijn ogen niet echt logisch. ‘Dan had je maar
een vak moeten leren’, zei zijn vader. Makkelijk gezegd. Rock had geen plannen
of verwachtingen en heeft ook nooit de noodzaak gevoeld iets te moeten
bereiken. Hij was schrander genoeg, maar helaas zo dyslectisch als een deur,
wat alleen maar erger werd als hij het gevoel had onrechtvaardig behandeld te
worden. Rock kon bij wijze van spreken amper zijn naam schrijven. Ja, hij wist
wel dat je ‘kut’ met een ‘t’ schreef, anders kreeg je ‘kud’. Maar kut hoefde je
gelukkig niet te vervoegen. Hoewel een “kudde kutten” ook niet te versmaden
was. Ha, hij was blij dat hij niet stotterde, anders kwam hij er helemaal niet
meer uit.

Concentratie stoornissen en te impulsief, was meerdere malen
de conclusie van de beoordelingsgesprekken op basisschool. Zijn fantasie liet
hem regelmatig op de meest onmogelijke momenten alle kanten op stuiteren. Zijn
moeder had nog ergens een jeugdtekening bewaard uit die tijd op school. In hanenpoten
stond eronder geschreven. ‘in mijn hoofd is het zo druk, maak altijd dingen
stuk’. Ze dachten dat hij dom en ongeïnteresseerd was. Zijn minachting tegenover
autoriteiten is daar begonnen. “Het lijkt hem allemaal te overkomen”, zei een
leraar ooit eens terecht tegen zijn vader. Veel later begreep Rock dat hij wel
eens een vorm van ADHD zou kunnen hebben.

Maar zijn trots heeft men gelukkig nooit van hem af kunnen
nemen. Als hovenier en stratenmaker is het glas bij hem altijd halfvol en er is
niet veel nodig om ergens iets positiefs uit te halen. Dit positieve
basisgevoel was er door zijn ouders met de paplepel in geslagen. Ze wilde hem beschermen
door het juiste gereedschap in zijn rugzakje te stoppen; iemand die door
frustratie moeite heeft met zijn eigenwaarde, verliest zichzelf en neemt
sneller verkeerde beslissingen. Rock heeft een paar grote, gouden handen, is in
het bezit van een forse dosis gezond verstand en voelde zich gelukkig. Hij
wilde gewoon een goede tuinman zijn en hij zag wel waar hem dat zou brengen.
Carrière maken was niet het doel. ‘Ieder milieu verdient respect en is
bijzonder, zo lang je het bijzondere er maar van inziet’, was zijn motto. Zijn
wijze en lieve moeder had hem bijgebracht dat het verschil tussen middelmaat en
top in alle opzichten is veel minder groot is dan mensen denken.

Zijn baas was tevreden met zijn werkzaamheden. Rock werkte
voor twee en als hij klaar was met het overwerk sloot hij de deur en scheurde
op zijn motor naar huis. Even met vrienden een biertje pakken en naar huis om
te slapen. En in het weekend was het feest. Met de boys naar het voetbal. Ze
noemden hem een, aan adrenaline scheuten verslaafde hooligan. Ach, een kleintje
maar. Het kan altijd erger. Iets kapot maken zonder reden, behoorde tot het
verleden en met zinloos geweld moest je bij Rock niet aankomen. Hij had teveel
gezien en meegemaakt. Nee, wat dat betreft was hij gewoon een liefhebber van
het spelletje. Lekker vertrouwd met wat vrienden op stap, een beetje gezellig
keten, meer niet. Eenvoud is troef. Heerlijk toch?

Het pad met stenen moest verplaatst en aangevuld worden met
verschillende soorten sierbestrating. Op de erfafscheiding plaatste ze
schanskorven. Het plaatsen was niet moeilijk, echter wel arbeidsintensief. De
rotsen werden in grote werfzakken geleverd en moesten in het gegalvaniseerde gaaswerk
worden gepositioneerd. Dat vroeg enige lichamelijke belasting, zeker in deze
warmte. Rock was met ontbloot bovenlichaam stevig aan het transpireren. – Goedkoop
maar toch duurzaam, zeer decoratief en anderzijds ook nog eens goed
geluidsisolerend – geilde de brochure van zo’n steenkorf. Rock dacht hier
duidelijk anders over. Belachelijk, wie verzint zoiets; ‘gevangen stenen’. Rotsen
in een hekwerk! Rock had met ze te doen. Een gevangen dier wil ook ontsnappen.
Dat zal vechten en alles doen om te overleven. Hij voelde verwantschap:
ongedwongen rotsen horen niet in een gevangenis. Rock-‘n-roll… Jonge!

Rock riep Quinte om samen pauze te nemen op hun favoriete
plekje, tegen de muur onder het keukenraam. Het was de enige plaats in de
directe nabijheid waar de zon geen vrij spel had. De bouwkeet was te heet en
een beetje schaduw kon geen kwaad. Rock nam als voorschot op de lunch een
boterham en genoot dorstig van zijn pak melk. Quinte trok zijn werkhandschoenen
uit, rook even aan zijn vingers en nam zijn broodtrommel uit zijn tas. Achter
het venster van de woonkamer waren de gordijnen zo goed als gesloten.

Hij hoorde de zwarte Porsche van de vrouw des huizes van
verre aan komen ronken. Een knappe, sensuele verschijning. Wat zeg ik? Een
mokkel was het. Leeftijd naar schatting, achter in de dertig. Goed figuur,
prachtige taille, mooie rondingen zowel op bekkenniveau als in haar hemdje.
Mevrouw Jeannette parkeerde de auto juist achter zijn Ducati. Rock keek
verliefd naar het statussymbool. Enige compensatie zijnerzijds was hierbij goed
mogelijk. Het was het enige stuk van waarde dat hij bezat en voor deze motor
had hij jaren moeten sparen. Rock hield van het, ronkend en dreigend grommend
geluid dat hij maakte. En een trekkracht dat het beest heeft. Ha, daar viel de
Porsche bij in het niet. Dat wil je niet geloven als je er nog nooit op gereden
hebt.

Mevrouw Jeanette stapte in haar korte rokje op een seksueel
zeer te waarderen wijze uit de bolide. Zou het rokjes-dag zijn vandaag? Het zou
zomaar kunnen. Dan beende ze op haar hoge naaldhakken door het witte, zojuist
aangestampte zand naar het woonhuis. Sommige vrouwen hebben het echt niet door.
Je gaat daar toch niet lopen. Dat gedeelte van de grond lag nota bene klaar om
geheel volgens tuinplan, bestraat te worden met oud Hollandse waaltjes. Rock
stond op en gebaar met een brede zwaai van zijn arm, dat ze naast het witte
zand moest gaan lopen. Nijdig schreeuwde ze welke route ze in hemelsnaam dan
moest nemen. Toen ze dichtbij genoeg was om op een normaal decibelniveau een
conversatie aan te gaan, gaf ze boos te kennen dat ze verwacht had dat haar
tuin al verder klaar zou zijn. Ze keek pedant naar broodzakje van Rock en
draaide haar hoofd demonstratief naar de bouwkeet. Gelukkig zei ze er verder
niets over. Rock stond moeizaam op, nam zijn schop ter hand en corrigeerde de
voetstappen in het zand.

“Ik doe mijn best mevrouw”, was zijn sociaal correcte
antwoord en voordat hij verder kon gaan met het grondwerk nam zijn maat Quinte
indringend zijn arm vast.

“Heb je straks even voor mij, ik moet je even spreken”. Rock
knikte en vroeg zich af wat er nu zo urgent was. Wilde hij hem beschermen? Het
klonk serieus.

Wat een onprettige mensen. Rock wist niet goed waarom, maar
hij had iets tegen personen die onnodig arrogant tegen hem deden. Zijn
instinctieve brein had een voorkeur voor goed/fout schema’s. Het contact met haar
man Armando, verliep ook al zo moeizaam. Een vijftiger die het niet gelukt was
om de pauzeknop van het leven in te drukken. Ter kennismaking gaf Rock hem
vriendelijk en met een open gezicht een hand en stelde zich voor.

“Ah, Rocky?”

“Nee, gewoon Rock”, antwoordde hij gelaten. Hij beet op zijn
lip. Keek weg en hield zich zichtbaar in, de confrontatie vermijdend. Dit deed
hem altijd denken aan vroeger op de basisschool. Het pestgedrag waarmee men hem
met ‘Rokkie’ over de emmer probeerde te krijgen. Wat op een gegeven moment ook
aardig gelukt is trouwens. Altijd hetzelfde. Tussen ruineren en urineren zit
tenslotte ook maar twee letters verschil. Rock zag het niet. Grote hilariteit
in de klas. Het zal groep zeven of acht geweest zijn. Verwisseling van slechts
twee letters kan een wereld van verschil in betekenis zijn, zo leerde hij. Dus
vanaf toen verdedigde hij zijn naam: “Rock” en accepteerde niets anders meer,
van niemand! Zijn vader is er nog voor op school moeten komen. Waarom ‘Rocky’
zo nodig twee onschuldige medeleerlingen een blauw oog moest slaan?

De eerste dag dat hij hier werkzaam was had haar man, ook al
zo uit de hoogte tegen hem zitten zeiken over een kleinigheidje. Rock heeft hem
vanaf het kennismakingsmoment uit wraak ‘Pietertje’ gedoopt. Bij een betere
communicatie tussen zijn werkgever en hem was deze confrontatie totaal onnodig
geweest. Het begon faliekant verkeerd. Ha, een beetje staan debatteren, precies
vóór zijn overvolle kruiwagen met recht uit de ‘Ronde van Vlaanderen’
overgevlogen kasseien, die hij door het mulle zand naar zijn doel probeerde te
laveren. Dacht meneer nou echt dat Rock opzij ging voor die turbulente stofwolk
van woorden? Zijn irritant opgeheven vinger was hem bijna teveel geweest. Daar
hadden ze bijna een ‘momentje’ samen. Het had niet veel gescheeld of Rock had
van Pietertjes tong een tweede stropdas gemaakt.

En dan is er rust. Schaftijd! Wat een heerlijk woord; ‘schaft’.
Het klinkt als een volle, zelf gesneden, bruine boterham met een zware snee
belegen boerenkaas. Ze vond plaats op het favoriete strookje schaduw voor het
huis. Rock was nieuwsgierig naar wat Quinte te vertellen had. In de dagen
voordat Rock hier te werk gesteld werd was zijn maat hier al bezig, het zou
kunnen zijn dat Rock nog niet alles had meegekregen. Quinte duwde het
keukenraam van buiten dicht om mogelijke afluistervinkjes van binnenuit geen
kans te geven mee te luisteren. Hij ging naast Rock zitten, rook diep
inhalerend aan zijn vingers, nam een boterham en vertelde bedachtzaam fluisterend
en gespannen om zich heen kijkend zijn verhaal.

***

Armando riep haar, maakte zich ongerust. Riep haar naam
nogmaals en met de mobiel aan zijn oor haastte hij zich de trap op om te kijken
of ze boven was. Jeanette stimuleerde zijn ongerustheid door niets te zeggen.

“Waar was je nou?” Zei ze, verleidelijk op het bed liggend.
De lakens teruggeslagen.

“Ik was ehm,… even bezig. Kom je er, ehm,… even bij?” Ze
kopieerde zijn stamelend gedrag en tikte uitnodigend met haar hand op het bed.

“Blijf liggen”, had hij met een geile blik aangegeven.
Stopte zijn mobiel weg en rende weer naar onder. Snel zijn klus afmaken waar
hij mee bezig was, voordat het niet meer kon. Hij spoedde zich naar zijn auto
en botste tegen Quinte op die juist kwam vragen of hij evenals de dag ervoor,
gebruik mocht maken van de stroom binnenshuis. Zonder verder na te denken, gaf
Armando korzelig met een kort handgebaar aan dat hij zijn gang kon gaan. Hij
zou de voordeur open laten staan.

Quinte stond in de keuken toen hij de vrouw de huizes hoorde
roepen. Hij verstond haar niet maar het leek nogal urgent. Met zijn oren
gespitst wilde hij antwoorden, maar hield zich in. Hij had weliswaar
toestemming gekregen van de man de huizes, maar wist mevrouw Jeanette ook dat
hij binnen mocht komen? Quinte besloot zijn mond te houden, laat maar zo, niet
mee bemoeien. De communicatie tussen mevrouw en meneer liep niet zo lekker was
hem de vorige dagen al duidelijk geworden. Hij deed van binnenuit de keukenraam
open en trok de elektriciteitskabel door het raampje naar binnen om de stekker
in het stopcontact te steken.

Mevrouw Jeanette riep wederom iets. Geen idee wat. Quinte
twijfelde, besloot toch maar om zijn aanwezigheid te laten blijken en liep naar
de gang. Onder aan de trap zette hij aan om met luide stem naar boven te
roepen, maar hij aarzelde. Hoorde hij ze nu zingen? Het kletteren van water was
nu ook hoorbaar. Hij liep een aantal treden de trap op, want als ze nu onder de
douche stond kon ze hem van hieraf natuurlijk niet horen. Hij was volledig te
goeder trouw en had geen kwaad in de zin maar halverwege de trap hield hij stil
en bedacht zich. Dit was bespottelijk. Wat wilde hij nu? Even de douche binnen
stappen om te zeggen dat hij van de elektriciteit gebruik wilde maken?

Maar toch, …die zang, dat zachte neuriën, die prachtige
beelden van Jeanette door het raam die hij enkele dagen geleden al op zijn
mobiel opgenomen had. Quinte twijfelde. Langzaam besloot hij verder de trap op
te lopen. De treden kraakten. De deur van de douche stond op een kier. Jeanette
had hem misschien wel expres open gelaten. Quinte keek stiekem om de hoek. Hij
zag haar staan onder de douche. De deuren van de douchecabine stonden een klein
beetje open. Dit kon geen toeval zijn. Half ingezeept, nat en glimmend bewoog
ze langzaam onder het warme water. Een lichte waterdamp hing als een wolk in de
badkamer. Haar prachtige billen waren zichtbaar en Quinte had een schuin
aanzicht op de geweldige aanzet van haar borsten. Hij stond even stil. Zijn
hart ging tekeer. Hij slikte de stuwing in zijn keel weg en ademde diep. Hij
wilde weg maar het beeld was te mooi, te verleidelijk. Een soort “freeze of
mind” ontstond. Quinte slaagde er nauwelijks in om zijn ogen af te wenden. Wat
een snoepwinkel. Hij rukte zijn ogen los en draaide zich snel om. Maar bij het
verplaatsen van zijn lichaamsgewicht besloot een vloerplank van de gang van het
klassieke pand plotseling een krakend geluid te gaan maken. De schrik sloeg hem
om het hart. Jeanette keek om naar de open staande badkamerdeur en kon een
besmuikte lach niet onderdrukken.

“Ik hoor je wel, hoor”. Ze wist niet beter dan dat haar man
eindelijk teruggekomen was. De gedachte dat Armando zo meteen misschien wel
achter haar kwam staan bezorgde haar een forse kriebel in haar tepels. Vurig
hopend wachtte ze gespannen af. Automatisch zeepte ze met de ruwe spons haar
lichaam nog eens extra in. De stimulans trok naar haar onderbuik. Ze bukte
verleidelijk lichtjes voorover.

Quinte keek in de badkamer en zag haar in voorover gebukte
stand staan terwijl ze met de schuimende spons langs haar mooie benen wreef.
Als door een magneet aangetrokken sloop hij naar binnen. Lustgevoelens joegen
door zijn lichaam. Zijn hoofdhuid tintelde. Geconcentreerd liep hij op de vrouw
af. Trok de deurtjes van de douchecabine zacht iets verder open, stak zijn hand
naar binnen en streelde haar nek. Jeanette sloot gelukzalig haar ogen, liet het
water over d’r haar lopen en juist toen ze het hoofd wilde omdraaien werd ze
ruw gecorrigeerd door twee handen die haar hoofd recht naar voren hielden. Niet
achterom kijken, was de duidelijke boodschap. Even schrok ze. Jeanette kreeg
een ‘hot flush’; een kleine transpiratieaanval gepaard met enig stressgevoel.
Relativeerde dit weer. Fronste haar wenkbrauwen en schakelde dan snel over naar
een toegankelijke ‘game modus’. Die Armando toch! De lieverd wilde er
natuurlijk een spannend spelletje van maken.

Quinte aaide over haar rug, streelde over haar bekken, wreef
over de aanzet van haar borsten en greep met volle, zacht knijpende handen in
haar borsten. Hij duwde haar handen in haar nek en nam haar tepels tussen zijn
taps naar voren trekkende vingers. Jeanette ademde diep in. Ze kreunde zacht.
Ze wist niet dat zijn handen zo ruw en eeltig waren. Volgende keer handzalf
voor hem meenemen van de supermarkt, nam ze zich in een flits voor. Met open
mond ontving ze trillend en schokkend de prikkels die enorme signalen afgaven
aan haar onderbuik die in een schokgolf onwillekeurig samen kneep. Ze voelde
haar kut kletsnat worden. Weer wilde Jeanette zich omdraaien, ze wilde haar man
vastnemen, in de douchecabine trekken, zijn stijve voelen. Hem in zich voelen.
Ze was in alle staten. Maar de twee handen grepen haar schouders stevig vast en
knepen hard en gemeen pijnlijk om te laten weten dat het hem menens was. Blijven
staan! Hijgend bleef ze intens gespannen wachten op wat komen ging. Met het
hoofd achterover en de ogen gesloten liet ze haar open mond vollopen met het
warme water.

Zijn handen gleden naar onder, naar haar ronde heupen en
pronte billen. Jeanette nam de grote douchekop boven haar hoofd vast met beide
handen en stak uitnodigend haar billen naar achter. Quinte duwde haar benen
enigszins opzij, nam haar bekken met één hand vast en haalde met de andere hand
diep van achter langs haar kletsnatte gleuf. Om dat dan weer te herhalen en het
ritme en snelheid op zijn gevoel naar haar behoefte af te stemmen. Jeanette bewoog
haar bekken op en neer, naar voor en dan trillend en schokkend naar achter waar
ze naar vingers zocht die er wel raad mee wisten. Een gepassioneerd kreunen en
zuchten vervulde de badkamer. Quinte duwde en trok zijn hand op gevoel door
haar spleet, glijdend op haar overvloedige lichaamsgeil.

Wat moest Quinte moeite doen om niet ter plekke zijn broek
uit te rukken. Zijn stijve tegen haar kont aan te drukken. Het niet uit te
gillen van geilheid. Met één hand trok hij haar hoofd aan de natte haren naar
achter. Duwde haar rug met de andere hand licht naar voor en streelde over haar
billen rechtstreeks naar haar kut. Ze dreef. Het koste hem geen enkele moeite
om binnen te komen. Met twee, drie vingers duwde hij met gemak in haar kut en
stootte in en uit.

Zijn opwinding dreigde zijn beheersing te overstijgen en een
laag geluid kwam als een niet te beheersen reflex uit zijn keel. Heel even was
daar de nauwelijks waarneembare verstijving in de vloeiende bewegingen van
Jeanette. Die ‘kreun’ herkende ze niet. Dat geluid zat niet in haar
herinnering. De flits van realiteitsbesef drong gelukkig nog net op tijd door
bij Quinte. Dit was absurd! Hij moest hier direct een einde aan maken. Zijn
hart ging tekeer als een bezetene. Weg hier! Hij liet haar kruis met rust en
eindigde zoals hij begonnen was. Hij nam haar hoofd recht naar voren stevig
tussen zijn handen om Jeanette non verbaal te gebieden niet achterom te kijken.
Sloot daarna rap de deurtjes van de douchecabine, draaide zich vliegensvlug om
en maakte dat hij weg kwam. Halverwege de trap hoorde hij de deurtjes van de
douchecabine opengaan.

Jeanette had verbaasd gekeken. Waarom nou stoppen? Het was
zo lekker. Geen idee wat er allemaal gebeurde maar als hij nog even was
doorgegaan was ze klaargekomen. Toen ze uit de douchecabine wilde stappen zag
ze de vieze zandsmurrie op de tegelvloer. Met daartussen de voetstap van een
werkschoen die ze niet kon plaatsen. Vreemd! En wat een kliederboel. Daar moest
ze het straks wel even over hebben met haar man. Dat kon niet zo. Bij
binnenkomst voortaan schoenen uit!

***

Rock had verbaasd en gespannen geluisterd naar het bizarre
en wonderlijke verhaal van Quinte en keek hem ongelovig aan. Quinte genoot
zichtbaar.

“Tja, het is toch echt waar”, probeerde hij zijn verhaal
kracht bij te zetten en fantaseerde de geur van haar lichaamsvocht nog aan zijn
vingers. Hij kon het niet laten om tijdens het werk af en toe zijn
werkhandschoen uit te trekken en er even aan te ruiken. Lekker diep inhalerend
werd hij er gelukzalig duizelig van.

Plotseling hoorden de mannen achter zich het gekreun en
gehijg van een vrouw. Het zal toch niet? Er stond een bovenraampje open schuin
naast de plaats waar ze voor het huis zaten en het geluid was vanuit deze positie
goed hoorbaar. Normaal was het rolgordijn van de woonkamer altijd dicht en
eigenlijk zou je deze geluiden toch niet ‘s middags met lunchtijd verwachten?
Of had ze iets opgevangen van het gesprek met Quinte? Rock kon het niet laten
om door de kier van de gordijnen naar binnen te kijken. Hij gaf zijn ogen een
ogenblik om ze te laten wennen aan de donkere binnenzijde van de woonkamer.
Half op zijn knieën gedraaid zag hij de prachtige vamp.

Voilà! Gekleed in een hemdje en hetzelfde korte rokje van
deze morgen was ze zichzelf heerlijk aan het verwennen. Of dit nu met haar
handen gebeurde of met wat ze daarin vast had kon Rock niet goed beoordelen.
Met gespannen gezicht en halfgesloten ogen lag Jeannette achterover. De lange
haren lagen gespreid op de leuning van de bank. De knieën waren wijd gebogen.
De glanzende kleur van haar prachtige benen werd geaccentueerd door het haast
erotische licht in de kamer. Haar borst zwoegde op en neer. Een zeer prikkelend
schouwspel. Rock schatte met zijn timmermansoog de afstand hemelsbreed op een
meter of drie. Het gekreun nam in volume toe. Rock kreeg het er Spaans benauwd
van. Schielijk keek hij achterom of Quinte dit prachtige geluid ook kon horen.
Bijna net zo mooi als het geluid van zijn Ducati. Hij zag Quinte hevig gebaren
om daar bij het raam weg te gaan.

Maar Rock was niet van plan dit beeld los te laten. Had ze
nu iets in haar handen? Toen hij weer naar binnen keek kwam ze plotseling met
haar hoofd omhoog en met haar vol geopende ogen keek ze hem recht in zijn gezicht
aan. Shit, betrapt! Rock hoorde een verschrikte gil en dook weg. Te laat!

Gedoken zittend bedacht hij hoe hij zich het beste uit deze
lastige situatie kon redden. Quinte zag het gebeuren en kroop naar hem toe.

“Ik weet ervan jongen, het is niet de eerste keer. Ik heb
het één en ander op mijn mobiel staan. Voor als ze moeilijk gaan doen, snap
je”.

Nee, Rock begreep niets van wat Quinte zei. Op dit moment
was hij daar totaal niet mee bezig en zocht hij naarstig naar een oplossing.
Hij nam een voorbeeld aan Quinte; gewoon doen alsof er niets aan de hand was en
eenvoudigweg doorwerken. Rock stond verstijfd op en ging weer aan de slag. Hij
probeerde de opwinding in zijn broek te ondervangen door de 90 kg. zware
trilplaat aan te zetten en luidkeels.

“Kom maar konijntje doe maar wiebele, wiebele”, van Aka the
junkies te zingen.

Hij moest tenslotte iets!

Terwijl Rock enige tijd geconcentreerd bezig was. Zag hij
haar op het balkon boven de woonkamer, met zwaaiende handen hem iets proberen
duidelijk te maken. Rock deed zijn gehoorbeschermer af, zette de trilplaat uit
en luisterde naar wat mevrouw Jeannette nu weer aan te merken had. Prachtig
uitzicht trouwens. Haar machtig mooie benen onder dat rokje. Wat een rondingen.
Zelfs haar schaduw in het zand was erotisch. Uit de hoogte zeurde ze iets over
stof en het lawaai van de trilplaat en dat ze op deze wijze niet kon werken of
zoiets. Werken? Als je elk greintje verveling verjaagt met een spelletje ‘Candy
Crush’ dacht Rock met enige minachting. Hij schreeuwde terug naar de koningin
op haar bordes of ze al koffie had gezet. Het was eruit voordat hij er erg in
had. Even was het stil. Deze reactie had ze kennelijk niet verwacht.

“Goed, maar dan wel eerst de schoenen uit!”

Quinte voelde nattigheid en liep haastig op Rock af.

“Niet doen Rock, die vrouw spoort niet… linke soep jonge!”

Moet je net Rock hebben! Wat nou niet doen? Wat nou niet
kunnen? Uitdagingen werden niet genegeerd. Mevrouw Jeanette liep naar beneden
en opende de voordeur. Verheugd over de onverwachte overwinning gooide Rock
grijnzend zijn werkhandschoenen aan de kant. Ha, hij zou wel eens gaan kijken
of dat verhaal van Quinte hout sneed. Toen hij naar binnen wilde lopen hield ze
hem tegen door wijdbeens voor hem te gaan staan.

“Eerst je voeten wassen.”

Voeten wassen? Hij deed aarzelend zijn werkschoenen uit in
de immense hal met de geweldige vide. Hij nam tenminste aan dat dit de
bedoeling was.

“Heb je me niet gehoord?” Hij keek haar niet begrijpend aan.
Ik sta hier toch op mijn sokken? Zie je hem denken.

“Wat denk je nu met die stinksokken op mijn schone vloer? Je
kunt je douchen in de badkamer.”

“Voor een kopje koffie?” Twijfelde Rock.

Gedecideerd wenkte ze hem, terwijl ze voor Rock uit de
marmeren trap op liep. Een prachtig wiebelend gutturaal uitzicht was zijn deel.
Wat een kont! Ach, wat maakte het ook uit. Rock was altijd wel in voor een
avontuur. Vijf minuten kreeg Rock van haar om zichzelf te fatsoeneren. Gezien
het stofrijke water dat in het afvoerputje stroomde had ze misschien wel gelijk
ten aanzien van de verplichte douchebeurt. Bovendien is zo’n verfrissing best
lekker na het werken in de brandende zon. Hij nam de badjas die ze klaar had
gelegd en trok moeizaam zijn bezwete boxershort terug aan. Zonder was hem iets
te naakt. De niet alledaagse situatie wond Rock op. Alleen zou de
hooghartigheid van mevrouw iets minder mogen. Rock hoopte dat ze wel mee zou
vallen als hij haar beter leerde kennen en besloot haar een kans te geven.
Spannend.

Afgaand op de geur van vers gezette koffie liep Rock
blootsvoets naar onder. De luxe inboedel van het huis was even wat minder
interessant. Onder aangekomen lag ze met haar rug tegen de armleuning op hem te
wachten in de bank. Met glimlachend gezicht en licht toegeknepen ogen heette ze
hem welkom. Zijn koffie stond strategisch opgesteld op de salontafel achter een
vreemd langwerpig ebbenhouten beeldje. Zij dronk thee. In zo’n zakje. Ze hield
het label aan een touwtje elegant tussen duim en wijsvinger en liet het
langzaam op en neer onderdompelen in het hete water. Thee moest goed en
langzaam trekken, gaf ze te kennen. Al soppend keek ze hem verleidelijk met een
schuin hoofd aan. Rock zag het subtiele van de polsbeweging niet. Thee in een
papieren luier was niet zo zijn ding. Hij kwam voor de koffie. De kortste weg naar
het zwart geurend water was door voor haar langs te lopen. Plots belemmerde ze
zijn loop door haar blote voet halverwege zijn borst en wasbordje te leggen.

“Goed, jongeman, voordat jij je koffie verdiend hebt wil ik
hem wel even zien.” Als non verbale, overbodige toelichting gingen haar ogen
schielijk naar zijn kruis. Een tinteling schoot langs zijn wervelkolom, een
warme gloed ontstond in zijn hoofd. Rock was beduusd. Dit kon helemaal niet,
dit moest een droom zijn.

“Pardon? En Pie…, ehm, je man dan?”

Mevrouw Jeanette ging met haar zachte voetzool langzaam over
zijn buik naar beneden. De badjas viel iets open en ze haakte haar hiel achter
zijn ceintuur. Ze prevelde iets over zakenreis en een vrije relatie. Hij moest
even slikken. Ze had haar kopje thee op de tafel gezet en ging met haar handen
over de binnenzijde van haar dijbenen. Rock keek haar aan. Wat moest hij nou?
Ze ging verder. Haar ogen werden nauw. Ze had haar mond licht geopend en haar
vingers zaten al onder haar slipje.

“Wil je je aftrekken?”

Vreemd hoe menselijke dingen werken. Normaal altijd met het
hart op de tong, immer haantje de voorste en nu stond hij met zijn mond vol
tanden. Het ging hem allemaal iets te snel en ze bleef hem te afstandelijk.
Rock kreeg geen hoogte van haar en besloot, tegen zijn natuur in, niet te
reageren. Rock hoorde de waarschuwing van Quinte in zijn oren. “Die vrouw is
niet stabiel. Ik wou dat ze dat was, maar dat is zij niet.”

Achter de badjas was echter het gevecht met het textiel
begonnen. Rock had zijn vriend niet meer onder controle. Een forse bobbel
tekende zich af. Jeanette ademde hoorbaar snel en ze drukte haar vingers steeds
dieper in haar liesstreek. Ze kronkelde met haar bekken en tilde deze op naar
haar klauwende vingers.

“Wat hebben we hier?” Van onder stuwde ze zijn stijve pik
met haar tenen over de volle lengte naar boven. “Toe maar jongen, laat hem maar
zien,” kreunde ze.

Het viel niet mee. De alarmbellen die bij Rock gingen
rinkelen waren sterk. Hij was in tweestrijd. Wie weet hoelang ze deze fantasie
al in haar hoofd had. Als initiatiefneemster had ze in geilheid een beduidende
voorsprong. Bovendien had ze zichzelf kennelijk al behoorlijk opgewarmd. Hij
zag hoe ze genoot maar Rock was nog niet zover.

“Mijn koffie wordt koud.” Was zijn onnozele poging tot
ontsnapping. Rock nam een stap en reikte ver voorover naar zijn kopje. Met kop
en schotel in de hand nam hij, gedwongen door haar voet, dezelfde positie in.
Ze verhoogde de druk van haar voet onder de nu volledig opengevallen badjas.
Zijn harde paal zat nu klem tussen haar eerste twee tenen. Ze gleed enkele
malen met zijn boxershort als tussenstof naar boven tot de weerstand van de
onderrand van zijn eikel haar voetexpeditie belemmerde. Het strakke katoen van
zijn short bleef hierbij stroef aan zijn eikel plakken. Niet bepaald
comfortabel voor Rock maar voor Jeanette was dit vanuit haar positie kennelijk
een bijzonder erotiserend beeld getuige haar reacties. Ongegeneerd kronkelend
met haar bekken kon ze haar ogen niet van zijn pik afhouden. Ze kneep met één
hand in haar slipje en Rock zag haar andere hand felle grijpende bewegingen
maken onder haar hemdje.

Ondertussen probeerde Rock zo stoïcijns en nonchalant
mogelijk een slok van zijn koffie te nemen. Belachelijk natuurlijk. Maar
kennelijk wond zijn schijnbaar ongeïnteresseerde pose haar geilheid alleen maar
op. Het was koren op haar molen. Rock keek haar aan. Ze had haar slipje
volledig aan de kant getrokken. Hevig opgewonden pookte ze geil in een hoge,
hoorbare frequentie twee vingers in haar sappige kut. Ze kwam met haar rug los
van de leuning. De subtiliteit van haar dwingende voet was verdwenen. Haar
oogspieren verkrampten, haar mond hapte naar adem en ging steeds verder open.

“Toe dan, trek je af!” Schreeuwde Jeanette schor, terwijl ze
Rock gloeiend geil aankeek.

Acteren lukte niet meer. De seksuele impulsen waren te sterk
voor Rock en juist toen hij besloot om aan haar grillen toe te geven, zijn
koffie trillend weg te zetten en de hand aan zichzelf te slaan, kwam ze half
zittend, met een van opwinding verkrampt gezicht verder omhoog. Met grote ogen
juist voor zijn grote pik vingerde zich als een bezetene door om met schokkende
buikspieren zeer heftig klaar te komen en haar lichaam over te geven aan de
reflexen van haar intens orgasme. Met een diepe zucht liet ze zich totaal
ontspannen achterover in de bank vallen.

Door haar onverwachte uitbarsting kwam Rock geleidelijk bij
zinnen. Enig voorvocht was hij kwijtgeraakt, maar hoe moeilijk het ook was, hij
besloot het niet af te maken. De innerlijke alarmbel bleef afgaan. Misschien
was het wel het te aanwezige egocentrisch gedrag van Jeanette. Zij bleek wel
erg met zichzelf bezig. Haar eigen lust scheen koste wat kost bevredigd te
moeten worden. Het voelde niet goed. Er was in elk geval teveel wantrouwen aanwezig
om zich nu te laten gaan. In een flits kwam hem nu ook het besef van de
situatie helder voor de geest. De allesoverheersende roes van avontuur,
spanning en sensatie was plotsklaps verdwenen. Dombo! Rock voelde zich
gebruikt. Hij zag nu in dat de consequenties voor hem gevaarlijk konden
oplopen. Rock maakte zich bedachtzaam los van haar.

“Bedankt voor de koffie, ik moet maar eens aan het werk”,
probeerde hij er zo luchtig mogelijk een draai aan te geven. Rock trok de
badjas uit, liep naar de hal, deed zijn kleffe werkkleren weer aan en nadat
Rock de bouwkeet even als toevluchtsoord had moeten misbruiken, ging hij weer
aan de slag met de trilplaat.

“Kom maar konijntje doe maar wiebele, wiebele Kom op konijntje,
doe je ding, doe je dans Het is je dag vandaag”.

© Mikes

Graag jouw waardering als reactie onder dit verhaal



FRONSJE 2

Mikes. Posted on wo, augustus 15, 2018 12:23

FRONSJE 2
In de ochtend dwaalt Loy door de straten, slentert door
nauwe steegjes en bestijgt kuitenbijtende trappetjes. Deze stad moet periodes
hebben gekend van ongekende religieuze botsingen, cultureel onbegrip en angst
voor de ander. Hij verbaast zich over de smeltkroes van zigeunermuzikanten,
jetset uit Istanbul, Joodse handelaars, Krimmige Russen, tweeverdieners uit
Europa, filosofische babbelaars omzoomt door snelle hippe jonge mensen en
ambachtslieden in hun kleine groezelige winkeltjes.

Als de ruwe aroma’s zwaarder worden en meer naar knoflook en
specerijen begint te ruiken, komt Loy aan bij de markt. Een fors aantal
tentdoeken doet dienst als zonneschermen en verbinden de kraampjes aan elkaar
tussen de krakkemikkige vervallen huizen. Ooit meesterwerken. Een uniek decor
voor een feest. Zijn brein opent zich voor de details en hij vergaart met
plezier en bewondering de oogst van zijn zintuigen. Een geweldige manier om
nieuwe schorsverbindingen in zijn hersenen te creëren. Mag eens tijd worden.

Hij besluit op geursafari te gaan. Loy struint een aantal
kraampjes af en laat zich leiden door de geur van zongerijpte, sappig geurende…
perziken? Ja, perziken zullen het worden. Met de handen vooruitgestoken betast
hij twee perziken zoals je voorzichtig vrouwenborsten benadert. De huid voelt
zacht aan. Het onderliggende vlees is soms krachtig en een andere keer weer
iets elastischer van ondertoon. Een heerlijk gevoel.

“Nee meneer, niet overal in knijpen, geeft blauwe plekken,
dit is nu al de zesde!” De marktkoopman staat heftig met zijn hand te gebaren.
Ja, maar hoe moet hij dan weten of ze rijp genoeg zijn om nu te eten, vraagt
Loy zich af en knijpt onverdroten in een ander slachtoffer. Een hoop
onverstaanbare, vreemde woorden en nog fellere handgebaren van de andere kant van
de kraam zijn het gevolg. Oprecht zuidelijk temperament.

Achter hem dringt een vrouw zich op en duwt irritant met
haar boodschappentas tegen zijn been.

Loy besluit het er maar op te wagen en bestelt zijn
perziken.

De man knikt begrijpend. “How much… kilo?”

Nou eh gewoon zes stuks, ehm,… “Six”

“Six kilo?”

“No, six perziks”

“Perziks?”, vraagt de marktkramer niet begrijpend. Deze? De
marktkoopman wijst naar een kist met nectarines.

Nee, perziken. Niet de normale maar die perziken met de
witte binnenkant. “No, I mean the white sissy of the perziks”,
probeert hij in zijn inventief, creatief Engels en wijst zijn gewenste perziken
aan.

“Sissy?” Vraagt de koopman verbaast zijn woorden
bedachtzaam herkauwend.

Zuchtend probeert Loy het vervelende gefrutsel met die tas
achter hem te ontwijken.

“Yes, the sissy of the perziks with the white inside”.
En hij maakt snel met zijn handen een rond luchtgebaar van een soortement
perzik en wijst naar de binnenkant ervan. Dan wijst Loy naar de koopman en naar
de perziken met wit vruchtvlees die hij wil hebben.

Teveel informatie. De arme man kijkt Loy met steeds groter
wordende ogen aan.

“Me white sissy?” vraagt hij verontwaardigt met
een hand op zijn borst. Iets in Loy vertelt hem dat dit wel eens verkeerd kan
gaan.

“No not you!” Loy maakt een wegwerpend gebaar.
Laat die opmerking maar zitten. Door zijn knie snel te buigen en direct te
strekken geeft hij die vervelende tas een enorme zwieper. De vrouw kijkt hem
boos aan. Dit heeft ook geen zin. Hij besluit haar gelaten voor te laten en zet
een stap naar achter. De marktkoopman denkt dat Loy de kraam gaat verlaten, is
zichtbaar geïrriteerd en maakt een wegwerpgebaar naar Loy.

Maar Loy is niet van plan zich uit het veld te laten slaan.
Hij zal die perziken verdomme hebben, koste wat kost. Als die tasmevrouw klaar
is dringt hij zich terug naar voor. Hij weigert demonstratief zijn gedrag aan
te passen en knijpt wederom opzettelijk te hard in een andere perzik terwijl
hij de koopman baldadig aankijkt.

“This one,…six!”

“Do not touch sir!” Dreigend.

“I want six of this fucking kind of perziks!” Met
stemverheffing. Het inmiddels broeierige sfeertje dreigt faliekant uit de hand
te lopen. De koopman komt woest achter zijn kraampje vandaan en beent op hem
toe. Internationaal haantjesgedrag, niets aan de hand,… Doen er wel meer! Een
plotse vrouwenhand op zijn borst maand Loy tot rust. Ze komt sussend tussen de
twee kemphanen in te staan. Het is Lucia! Het medicijn. Ze schijnt er te
werken. Wat een prachtige exotische verschijning. Die rode woede in d’r haar en
de jurk die haar vrouwelijke rondingen accentueert. Een vrouw in de prachtige
vorm van een gitaar, inclusief relativerend fronsje op het voorhoofd. Ze is
zich nauwelijks bewust van de enorme seksuele kracht die ze uitstraalt.

Lucia praat wat met de marktkoopman, neemt resoluut een
bruine papieren zak ter hand, maakt haar keuze en overhandigt Loy de zak met
perziken met een knipoog. Ze haalt haar wenkbrauw in het midden omhoog als een
universele uitdrukking van sympathie. Loy betaalt, geeft nog een sportieve fooi
en de vrede is getekend. Met een overheerlijke perzik in de hand loopt hij
voorover gebogen, het sap druipend langs zijn kin, terug naar het drie sterren
hotel. Onderweg wordt hij aangesproken door een kind langs de weg dat zijn hand
ophoudt. Loy geeft hem een perzik. Vriendje?… ook een perzik. Nog meer
vriendjes? … Afijn, hou de hele zak maar. Bedelen is waarachtiger dan bidden.
In zijn optiek hou je dan tenminste niemand voor de gek.

Die avond hetzelfde ritueel. Wederom iets teveel wijn op het
dakterras en een laatste espresso voordat hij zijn kamer op gaat zoeken. Dubbel
sterk. Gewoontegetrouw bestelt hij twee kopjes en gedachteloos tuurt hij
geconcentreerd in zijn eigen kopje. In de oppervlaktespiegeling ziet hij een
door zichzelf opgeroepen beeld, die vervolgens achter het tweede kopje
plaatsneemt. Langzaam volgt hij met zijn ogen de warm kringelende koffiedamp
naar boven. Wanneer Loy opkijkt, is het beeld verdwenen, maar het lepeltje dat
op het tweede schoteltje tegenover hem lag, ligt nu op de tafel! Straffe
koffie.

Tijd om naar zijn kamer te gaan. Nog een beetje lezen op
zijn balkon. Kijken naar Lucia. Verdronken in haar boek. Haar zoontje ligt
inmiddels al op bed. Ze heeft een waterflesje in haar hand. Lucia kijkt naar de
man tegenover haar, draait tergend langzaam de dop van het flesje en neemt een
slok, iets te gulzig, een druppel loopt langs haar gezicht, via haar hals naar
haar boezem. Haar wenkbrauwen bewegen subtiel. Loy heeft iets met lenige
wenkbrauwen. Een cruciaal smeermiddel in de sociale omgang. Ze draait het dopje
weer op de fles, met duim en wijsvinger gaat ze langzaam en subtiel naar
onderen, langs de hals van het flesje. Ze krast met haar nagel aan de ribbels
van de dop en gaat wederom langs de hals naar onderen met een sierlijke
polsbeweging. Je zou zomaar het idee krijgen dat ze het flesje aan het
aftrekken is. Loy krijgt het er warm van en probeert, dit keer gelukkig met
succes, een hardnekkige hoestimpuls te negeren. De uitdaging om toenadering te
zoeken wordt steeds groter, maar Loy beseft dat hij dan wel snel iets moet
ondernemen. De tijd begint te korten. Ze rekt zich uit. Tijd om naar bed te
gaan. Lekkere dromen en morgen nieuwe kansen.

***

Een man doet een worm aan zijn haak en werpt deze met een
stuk lood de 70 meter hoge klif af. De zee is prachtig met zulk helder, licht-
en donkerblauw water. Een geweldig zeeschap. Loy zit op een rots en maakt
enkele vakantiekiekjes met zijn fotocamera. Eigenlijk zit hij te wachten tot
Lucia langs komt. Dit is de weg naar haar favoriete plekje op het strand. Zijn
informatiebron van het hotel wist te vertellen dat zondag een vrije dag voor
Lucia is. Haar zoontje is deze dag altijd bij haar moeder. Volgens de ober gaat
Lucia dan regelmatig naar deze mooie plek. Loy gokt erop dat hij haar vandaag
hier zal ontmoeten. Hij kijkt door de zware telelens en ziet Wanis vermoeid
strompelen door het duinzand. Wanis is een grote, donkere Afrikaan die zijn
spulletjes; handdoeken, petjes, horloges, en andere prullaria probeert te slijten
aan de mensen op het strand. Loy heeft hem een week geleden ontmoet. Het
indringende gesprek heeft grote indruk op hem gemaakt.

***

Wanis werd bedreigd in zijn eigen land. Hij nam deel aan
demonstraties voor vrijheid en tegen religieus fundamentalisme. Bijna altijd
draaide dat uit op gevechten met de politie. Littekens zijn zichtbaar op zijn
lichaam en ziel. Hij heeft met eigen ogen gezien hoe zijn oudste broer werd
gedood en zag geen andere optie dan te vluchten uit zijn geboorteland. Wanis
vertelde langzaam met regelmatige stiltes zijn verhaal over de
levensgevaarlijke boottocht. Nadat de motor van de gammele boot het begaf heeft
hij een week lang machteloos rondgedobberd met nauwelijks eten en drinken aan
boord. Turend over de oneindige horizon van alleen water, telde hij wanhopig de
minuten en uren. De dood had hij in de ogen gekeken toen er weer een lotgenoot
van uitputting bezweek. Wanis verhaalde over de onbeschrijfelijke blijdschap
die hij ervoer bij het zien van een vrachtschip. Zijn ogen lichtten op toen hij
hierover sprak. Hij is één van de gelukkigen die zijn opgepikt uit zee door
dappere zeelui die het als hun zeemansplicht beschouwden schipbreukelingen te
helpen.

Wat was Wanis opgelucht toen hij weer vaste grond onder zijn
voeten voelde. Nu zou alles beter worden. Het tegendeel was echter waar. Er
volgden teleurstellende confrontaties met de vele instanties. Hij werd als illegaal
behandeld en kreeg te maken met verlammende bureaucratie en discriminatie.
Altijd dat nutteloze wachten. Hij voelde zich een gevangene in een vrij land.
Het vinden van werk bleek een groot probleem. Door sommige bevolkingsgroepen
werden hij en zijn lotgenoten zacht gezegd ‘vies’ aangekeken. Er werd nog net
niet ‘Minder, Minder’ gescandeerd. Hij is uitgebuit door bazen en verpauperd
door het leven op straat. Nergens helemaal gekend en altijd op de vlucht naar
elders in de hoop ergens een nieuwe toekomst op te bouwen. Een soort rafelige
gelaatsuitdrukking was tijdens het gesprek zichtbaar. Wanis oogde vermoeid. Hij
voelt zich nog steeds opgejaagd en heeft regelmatig terugkerende nachtmerries. Ondanks
alle ellende probeert Wanis zijn eigenwaarde te behouden. De strijd voor een
menswaardig bestaan blijft de moeite waard is zijn conclusie. Hij heeft niet
voor niets de genen van zijn moeder gekregen, verklaarde hij trots. Zij was
binnen de familie degene die bij problemen altijd raad wist. Loy zag zijn ogen fonkelen.
De stiltes werden gaandeweg langer. Al bijna drie jaar heeft hij geen contact
meer met zijn familie. Over hun lot tast hij nog steeds in het duister. Zijn
moeder was altijd optimistisch en opgeruimd, probeerde hij Loy te overtuigen
met een lichte ruis op zijn stem. Wanis stond op en betrapte zich erop dat hij
zijn emoties teveel had laten gaan. Hij wil geen medelijden. Het gesprek
eindigde abrupt met een relativerende opmerking dat het hem nu goed gaat. De
laatste tijd heeft hij hier zijn draai gevonden, zo probeerde hij zijn relaas
met een laatste zin geforceerd lachend, positief af te sluiten.

***

Een koude rilling liep Loy tijdens het verhaal over zijn
rug. Hij had gaandeweg het gesprek een enorme bewondering gekregen voor deze
imposante krachtige man. Die ondanks dat zijn wonden nog verder moesten helen,
ontembaar positief in het leven leek te staan. Voor Wanis was er überhaupt geen
sociaal, economisch of psychisch vangnet aanwezig. Nog geen
‘uit-de-put-trek-tablet’ was beschikbaar. Hij ziet het schrille contrast met
het karakter van het zorgsysteem in zijn geboorteland met al zijn
patiëntenverenigingen. Het besef van de waanzinnig oneerlijke internationale
verdeling van de rijkdom sijpelde dreunend bij hem binnen. Loy restte
bescheiden stil zijn. Zouden er meer moeten doen! Uit medeleven en om zijn
eigen gevoelens te compenseren, had hij nog snel drie onnodige petjes en twee
zonnebrillen van Wanis gekocht.

Loy kijkt naar enkele rondcirkelende meeuwen en herkent in
het golvend duinlandschap een rommelig opgemaakt bed. Zou hij de enige zijn die
deze associatie heeft? De warmte zindert en de insecten zoemen. Hij kraakt zijn
nek uit gewoonte en is zich plots weer bewust van zijn stekende schouder. Hij
maakt zich zorgen. De kronkelende zwarte lijntjes vermenigvuldigen zich
evenwijdig aan elkaar en het lijkt erop dat ze zich vooral de laatste dagen
verder uitbreiden. Hij schopt in gedachten verzonken een steen over de rand van
de klif. Ah, daar komt Lucia aan. Zijn hartslag slaat over. Ze loopt voor Loy langs,
maar negeert hem volledig. Het is dus wel écht zo wat ze zeggen over rood haar
en temperament!

Terwijl Lucia hem heupwiegend passeert, zie je Loy denken;
‘mijn hemel, waar is de rest van de rok? Wat een billen. Om rauw in te bijten’.
Met lichte tred daalt ze de ruw uitgesneden trap van de rots af. Genietend van
haar ranke schouderpartij volgt Loy haar op gepaste afstand met bonkend hart.
Hij verbijt zijn hoogtevrees. Beneden aangekomen is er een enorm zandstrand.
Het aantal aanwezige zonaanbidders is er gering. Kennelijk neemt niet iedereen
de moeite om het klif af te lopen. De zilte zeelucht is verkoelend en het
zuivere duinzand brandt en slokt de voeten op, maar van zo’n prachtig strand
accepteer je dat gewoon. Heerlijk.

Ver uit de buurt van andere strandbezoekers rolt Lucia haar
enorme badlaken uit tussen enkele verspreid liggende rotsblokken. Ze
installeert haar spullen om dan roterend op te staan. Haar vingers plukken aan
het transpirerend stukje hemd op haar buik. Vermoeid ploft Loy op een strategisch
veilige afstand op het zand. Zijn fotoapparatuur weegt zwaar. Lucia loopt
bevallig naar de zee en haakt subtiel langzaam haar vinger achter haar
bikinibroekje, om het elastiek dan in een snelle beweging op haar welgevormde
bil terug te laten springen. Ze heeft gelijk, het zag er ook overdreven pikant
uit. Het broekje was iets te amicaal naar haar bilspleet toe gekropen. Daar
moet je direct korte metten mee maken. Alleen gaat het op zo’n sensuele wijze
dat het Loy aardig opwindt. Doet ze alsof of speelt ze een spel? Zou ze dan
echt niet weten wat ze aanricht? Misschien is het ritme van de actie de oorzaak
van de kriebels en de rilling in zijn lijf. Of is het haar vluchtige blik naar
hem, toen ze direct na haar actie enigszins angstvallig omkeek. Loy duikt in
zijn tijdschrift en doet voorkomen niets gezien te hebben.

Als Lucia bij de vloedlijn is om haar voeten en handen in
het zeewater af te koelen, neemt Loy zijn fototoestel uit zijn fototas. Verdekt
opgesteld onder zijn inmiddels uitgetrokken kleding, plaatst Loy de camera zo
dat hij een goed beeld heeft van wat er schuin voor hem gebeurt. Als ze weer op
haar badhanddoek heeft plaatsgenomen neemt ze haar boek ter hand. Loy maakt
stiekem enkele foto’s en probeert de lens scherp te stellen om de titel van het
boek te achterhalen. Regelmatig gaat Lucia verzitten. Haar hemdje verhult
ternauwernood haar borsten. Ze legt haar lectuur neer en smeert haar benen in
met zonnebrandcrème. Haar ogen blijven gefixeerd op het proza naast haar. Dan
kijkt ze om zich heen. Ze lijkt op haar hoede. Waarschijnlijk bevat het boek
nogal wat pikante passages, want Loy ziet haar handen iets te vaak over haar
lichaam strelen. Onopvallend wrijft Lucia af en toe schielijk over haar
bikinibroekje. Wippend op de ene en de andere bil trekt ze het broekje langzaam
stukje bij beetje minimaal naar onderen. Mijn hemel wat is dat sexy. Loy wil
ook zo’n boek.

Daar heb je Wanis. Met een grote glimlach komt hij aanlopen
met het professioneel sjokkerig tempo van een echte zandkoopman. “Hey mister”.
Vermoeid als hij is van het lopen door het zand in deze hitte, is hij verheugd
iemand te zien bij wie hij even uit kan rusten. Wanis gooit de zware tassen van
zijn schouder en begint onverstoorbaar zijn spullen uit te stallen, de
vriendelijk afwijzende reactie van Loy negerend. Er wordt een praatje gemaakt
en Loy probeert hem te overtuigen dat hij dit keer geen interesse heeft in zijn
koopwaar. Hij wijst naar de pet op zijn hoofd. Wanis toont een kartonnen bordje
met ‘massage’ er op geschreven. Nou nee, ook niet echt een goed idee. De
gunfactor van Wanis is echter enorm. Loy heeft moeite hem voor het hoofd te
stoten. Dan krijgt hij een spontane ingeving en maakt Wanis duidelijk dat hij
geen behoefte heeft aan een massage maar dat die mevrouw daar, er zeker
ontvankelijk voor is. Loy wijst naar Lucia. Wanis grijnst en legt een rij
prachtige witte tanden bloot. Zijn ogen glinsteren als hij zijn gage cash
uitbetaald krijgt. Na een ‘high five’ raapt hij zijn zojuist getoonde
handelswaar bij elkaar en torst deze naar Lucia.

Waarom gaat Loy er eigenlijk zelf niet op af? Wat heeft hij
te verliezen? Is het faalangst? Schuldgevoel misschien? Waarschijnlijk begint
het leven pas als hij uit zijn comfortzone wordt getrokken. Maar dan moet hij
er wel klaar voor zijn. Mogelijk had hij zich nog onvoldoende losgemaakt. Met
het klimmen der jaren wordt in de relatie, trouw of loyaliteit wellicht, een
steeds grotere routine. Zijn hand gaat automatisch naar zijn schouder. Weer die
irritante, brandende pijn. Die angel moet er toch een keer uit! De laatste keer
dat hij voor de spiegel stond had het zwarte stippel- en lijnenpatroon wel iets
weg van hoogtelijnen. Op topografische kaarten lopen hoogtelijnen kris kras
over de kaart en verbinden punten van gelijke hoogte boven zeeniveau met
elkaar. Vreemd!

Als de schaduw van Wanis zich tegen haar aan schurkt,
gebaart Lucia enigszins geïrriteerd dat ze geen interesse heeft in zijn
koopwaar. Maar Wanis laat zich niet wegsturen. Hij blijft correct en
vriendelijk, laat zijn bordje zien en wijst naar de man achter hem. Loy steekt
voorzichtig een hand omhoog en glimlacht goedkeurend.

Ach, wat een onhandig gestuntel met die massageolie. Meneer
krijgt het dopje niet van het nieuwe flesje af. Kracht genoeg, maar coördinatie
vraagt iets meer. Waarschijnlijk te zenuwachtig. Lucia biedt hem nog haar
zonnebrand olie aan, maar nee, trotse Wanis wil per se zijn eigen massageolie
gebruiken. Kracht zettend draait hij het flesje de nek om. De olie spat eruit,
over haar dijen, billen en rug. Jawel, bikinibroekje onder. Duizend maal
excuses, maar gelukkig kan Lucia er de humor wel van inzien. Half gedraaid
bekijkt ze de schade op haar broekje. Ze fronst haar wenkbrauwen; als dat er
nog maar uit gaat in de was. De gedachte op haar gezicht wordt geregistreerd door
de fotocamera van Loy.

Lucia ligt op haar buik. De donkere man geknield naast haar.
Wanis wrijft wat olie in zijn grote handen en begint met zachte grote
bewegingen haar rug te masseren. Bewust of onbewust krijgt hij ruzie met haar
bikinibandje. Lucia geeft goedkeuring aan de beleefde vraag van Wanis om de
strik op haar rug los te mogen maken. Zijn lange strijkbewegingen komen nu
beter uit de verf. Ze ontspant onder zijn handen. Om meer kracht te kunnen
zetten op haar bovenrug schuift Wanis iets naar boven. De hand van Lucia zit
hierbij in de weg. Bedachtzaam neemt Wanis haar hand en legt haar gestrekte arm
voorzichtig tussen zijn knieën op het zand. Als Lucia deze rustig laat liggen
is er niets aan de hand. Maar vrijwel onzichtbaar voor haar omgeving streelt ze
stiekem met haar vingertoppen subtiel de binnenkant van zijn bovenbeen. Dit
gaat een kant op die niet voorzien was. De hand heeft eigenzinnig de wijde
beenopening van de gebloemde driekwart zwemboxer van Wanis gevonden. Wanis
blijft onverdroten, ritmisch op en neer wiegen met af en toe een kleine
verstoring wanneer de cremasterreflex te hardnekkig doorkomt. Loy is gespitst
rechtop gaan zitten en voelt dat er iets staat te gebeuren. Zijn hartslag
echoot door zijn borstkas.

Wanis neemt nog wat massageolie en wrikt een knie tussen
haar licht gespreide benen om voor zichzelf een betere behandelpositie te
creëren. Een niet te missen bolling is in zijn zwemboxer zichtbaar. Haar
onderrug lonkt en is aan de beurt. Lucia strekt haar armen uit naar voren en grijpt
in het zand voor haar. Haar ogen knijpen samen. Grimas op het gelaat. Ze maakt
golvende bewegingen met haar lichaam. Hoofd stil. Haren naar één kant en haar
billen lichtjes uitdagend omhoog. Ze lijkt de massageolie op haar rug als het
ware te ontwijken. De ritmisch golvende beweging eindigt in een subtiele push
naar achter met haar billen. Elke keer weer iets verder naar boven. Haar kruis
plagend duwend tegen één van de machtige schuin omhoog staande dijbenen van de
breedgeschouderde man achter haar. Anticiperend op zijn handen kruipt ze
geleidelijk, dreigend met haar billen omhoog. Bij elke vloeiende beweging
stukje bij beetje naar haar doel. Haar heuvel wil aarden. Lucia opent haar
donkere ogen. Haar pupillen verwijden zich als ze met haar volle billen
vluchtig contact maakt met zijn machtig omhoog staande paal. Ze bijt op haar
onderlip. Kijkt naar achter en werpt Wanis een vluchtige lach toe.

De vingers van Wanis liggen gespreid op haar billen. Zijn
duimen wijzen naar het midden en omcirkelen haar gevarendriehoek. Zijn
concentratie is prachtig om te zien. Loy drukt snel op de ontspanknop van de
camera. Ritmisch knedend doen zijn donkere, grote handen hun werk. Dan duwt
Lucia wederom haar billen speels zachtjes tegen zijn geslacht en komt met haar
bovenlichaam omhoog. De volle borsten in de zon. De tepels kijken Loy priemend
aan. Lucia neemt de hand van Wanis, drukt ze op haar borst, leidt de hand. Zijn
hand wordt haar hand. Omzichtig neemt Lucia de tijd om met moeite haar been
verkrampt tussen zijn benen vandaan te halen. Zand heeft namelijk de neiging om
werkelijk overal tussen te gaan zitten. Schielijk trekt ze aan de strik van
haar bikinibroekje. In kruiphouding spreidt ze haar benen en duwt zich naar
achter. Wanis zit nu tussen haar benen achter haar, nog steeds op zijn knieën.
Haar billen zoeken hem op. De weg is vrij. Hij kijkt snel om zich heen, maakt
het koord van zijn zwemboxer los, trekt de voorzijde van de boxer over zijn
machtige pik en voelt de zachte binnenzijde van haar dijen over de buitenkant
van zijn harige bovenbenen glijden.

Het past. Het klikt. Dit was van tevoren niet te
voorspellen. Loy ziet wilde, gepassioneerde seks met een voor Lucia onbekende,
imposante man in het bezit van een ondefinieerbare, keel snoerende
aantrekkingskracht die haar het gevoel geeft dat ze onweerstaanbaar
aantrekkelijk is. Kennelijk heeft ze gehunkerd naar deze aandacht, dit gevoel,
die begeerte. Een golf van herkenning vloeit door Loy’s lijf. Lichtelijk
jaloers, met enig ontzag en zeer nieuwsgierig naar de afloop legt hij het
gebeuren vast op zijn fotocamera. Loy vermoedt dat haar hartstocht een gevolg
is van een bij Lucia jaren opgekropte eenzaamheid die er nu plots uitgeperst
wordt. Het waar en waarom doet er niet toe. Huidhonger heerst. Ze kan zich
volledig laten gaan want ze ziet hem daarna toch nooit meer. Al valt dat
laatste natuurlijk nog te bezien.

Ze omklemt zijn heupen met haar gespierde dijen. Haar billen
zoeken ritmisch wippend zijn pik. Transpirerend beseft Wanis dat hij een
tijgerin heeft wakker gemaakt. Een haast dierlijk oergevoel dringt zich bij hem
op. Wanis staat op het punt een krachtig eigenzinnige invulling te geven aan
het begrip ‘rugdekking’. Lucia herhaalt het ritueel. Naar achter duwende
billen. Gestrekte armen. Hoofd stil. Dan plotseling kijkt Lucia de blanke man
schuin voor haar, geil vanonder haar loshangende haren aan. Knijpt verleidelijk
met haar ogen. Tuit haar lippen. Fronst de wenkbrauwen en duwt haar machtige
achterwerk nu plots woest naar achter. Ze ziet de onrust bij Loy. Hij hoest en
heeft zijn schouder vast. Haar ogen dwingen oogcontact af. Prangende, donkere
ogen waar de lust vanaf spat. Lucia verlegt haar zwaartepunt naar achter en
leunt zwaar op één gestrekte arm. Met haar vrije hand wijst ze naar Loy met een
uitgestoken wijsvinger. Snel daarop maakt ze een cirkel met duim en wijsvinger
om daarna met de pols ritmische, op en neer gaande bewegingen te maken. Obsceen
uitnodigend gebaart ze hem zichzelf af te trekken.

Een schok van de ‘deja vu’ schiet door het lichaam van Loy.
Hij denkt aan de reisbus en zijn ogen kijken even schielijk ontwijkend naar
boven.

Lucia wrijft haar tong langs haar bovenlip. Elke keer als ze
met haar heuvel contact maakt met de harde paal van Wanis flitsen haar
wenkbrauwen subtiel iets omhoog. Haar ogen lichten op. Lucia blijft Loy
aankijken terwijl ze de druk naar achter, ritmisch stotend opvoert. Haar bloed
stroomt sneller. Het instinct neemt het over. Al zou ze willen, ze heeft geen
verweer meer tegen de orkaan die zich aankondigt. “Bab al jana”; de deur naar
het paradijs, opent zich… met een fronsje.

Loy pluist in een milliseconde zijn zelfbewustzijn na. Enig
trots gevoel komt bij hem boven, hij is gewend zijn eigen seks te beheren. Maar
de remming is van korte duur. De situatie is dan ook verdomd overweldigend.
Liever inconsistent dan chronisch ontevreden. Hij negeert de immens brandende
pijn aan zijn schouder en spiedt om zich heen, kijkt snel naar het wolkje boven
hem om dan met volle hand en met een schokkende gretigheid in zijn zwembroek te
grijpen.

Lucia druipt, overstroomt, schuimt, dijt uit. Ze kreunt en
huivert van geile spanning. De ogen van Wanis zijn stijf dichtgeknepen, hij
snuift en stoot diep en dieper in haar schoot. Heerlijk en afschuwelijk, pijn
vloeit over in genot, haar lichaam duwt hem naar buiten en haalt hem weer
binnen. Lucia zoekt de juiste houding om zoveel mogelijk genot in ontvangst te
nemen. Wanis negeert de licht opkomende kramp rond zijn knieën en stopt niet. ‘Zero
Tolerance’. Pijnkreetjes volgen zijn beukende ritme. Haar kut zuigt aan zijn
pik. Steeds sneller. Wanis hijgt woest en dampt en zweet. Met een vertrokken
grimas op zijn gezicht gooit hij zijn hoofd achterover. Ze lijkt verloren. Het
liefst wil Wanis zijn zaad op haar billen spuiten. Maar Lucia wenst het genot nog
even rekken. Ze duwt haar billen ver naar achter. Wanis schokt maar wenst zich
nog niet over te geven en weigert haar opdringerige billen tegendruk te geven.
Hij buigt zijn forse torso voorover en deint, zwaar leunend op haar rug, mee op
haar ritme. Met zijn vrije hand gaat hij als een razende tekeer tussen haar
schaamlippen. Wanis voelt dat hij over de grens is en heeft geen verweer meer.
Een muur van golven overspoelt hem. Onontkoombaar. Met een uiterste, ultieme
krachtsinspanning komt hij met zijn bovenlichaam overeind om krachtig stotend
zijn geil uit zijn lichaam te spuiten. Vrijwel tegelijkertijd komt het
explosief orgasme.

Loy laat zich zachtjes achterover vallen. In een totaal
ontspannen roes sluit hij zijn ogen en geeft zich over aan het hemels loom
gevoel dat zijn lichaam doorstroomt. Hij geniet van de zachte windvlaag over
zijn lichaam. Met de voeten gespreid in het zand en het hoofd in de wolken
kijkt hij zoekend naar boven. Zijn vrouw moet daar ergens zijn. Glimlachend
steekt hij met gestrekte arm een duim omhoog. Hij weet zeker dat als zijn engel
van boven dat wolkje zou meekijken, zij zeker ook heeft genoten van dit
onverwacht erotisch schouwspel. Het is goed zo.

Die avond geniet Loy voor de laatste keer van de heerlijke
wijn op het dakterras. Dan nog even naar zijn kamer op het balkon genieten van
de lezende Lucia. Welk boek zou ze lezen? Even komt het idee op om zijn
fotocamera erbij te halen en de foto’s na te kijken. Waarschijnlijk zitten er
enkele spannende, pikante vakantiefoto’s tussen, om privacy redenen ‘not for
public use’. Maar hij drukt de westerse
gedachtegang weg. Dat is voor als hij thuis is. Het zou afbreuk doen aan de
sfeer. Als ze zich uitrekt probeert hij contact met haar te maken door haar
bewegingen te kopiëren. Een snelle wenkbrauwbeweging is door de culturen heen
een teken van herkenning en openstelling voor sociaal contact. Het lukt.
Contact! Bij wijze van dank voor de mooie tijd en als afscheid heft Loy
glimlachend zijn hand op. Lucia ‘schijnt’ en zwaait lachend terug. Ah, de
hoofdprijs; een stralende Lucia. Prachtige overwinning. Voor zo meteen lekker
slapen.

***

De volgende dag maakt Loy zich op voor zijn vertrek naar het
vliegveld. Zijn vakantie zit erop. Vorig jaar waren ze hier nog met zijn
tweeën. Loy is zichzelf hier aardig tegengekomen, maar een prachtig dankbaar
gevoel blijft over. Hij realiseert zich dat hij weer een stap heeft gemaakt. De
angel is eruit. Hij voelt dat de turbulentie in zijn hoofd duidelijk verminderd
is. De medische technologie had gecapituleerd en alle apparatuur was
losgekoppeld. De worsteling met zijn wisselende emoties was nodig om het plotse
overlijden van zijn vrouw op zijn eigen wijze en tempo te verwerken. Een hobbel
die hij van zichzelf moest nemen. Acceptatie blijft een moeizaam proces.

Hij staat na het douchen voor de spiegel. Hij onderzoek in
de spiegel zijn knalrode schouderpartij. Het lijkt echt wel een tattoo
geworden! De grillige lijnen vormen duidelijk een persoonlijke vingerafdruk.
Onder deze vingerafdruk trekken de lijntjes door en vormen sierlijke
meanderende letters. De letters vormen een naam van een lieve engel. De naam van
zijn onlangs overleden vrouw; Angel

Kom jongen, lekker naar huis. Loy zucht, pakt zijn koffer en
fototas en kijkt in zijn hotelkamer nog eenmaal om of hij niets vergeten is.
Als hij de voordeur opent ziet hij een bruine papieren zak in de deuropening
staan. Hij opent verbaast de zak en de geur van perziken prikkelt zijn neus.
Lucia! Een hoestprikkel komt spontaan op. Loy zoekt een mooie uit en neem een
forse hap. Sap druipt van zijn kin. Heerlijk leven.

***

Terugvlucht: Loy zit in het vliegtuig. Het is rustig. Naast
hem zit niemand. Aan de overkant van het gangpad zit een vrouw alleen. Trots
recht hij zijn rug. Een tikkeltje zelfingenomen rolt hij zijn hemdsmouwen tot
op de schouders op, wat een fraaie blik op zijn tattoo biedt.

Loy maakt oogcontact met zijn overbuurvrouw. Hij haalt zijn
wenkbrauw in het midden omhoog. Vriendelijk knikt zij terug.

“Perzik?”

© Mikes

Graag jouw waardering
als reactie onder dit verhaal



FRONSJE 1

Mikes. Posted on di, augustus 14, 2018 12:08

FRONSJE 1

Hij staat met zijn handen in zijn zakken op de oude
vestingmuren van het kasteel en neemt het prachtige panorama in zich op. Zijn
gevoel is dubbel. Waarom lijkt de lucht nu minder blauw dan bij zijn vorige
bezoek? Ook de geur is minder kruidig dan hij zich herinnert en de armoede in
de straten van de stad is hem de vorige keer niet zo opgevallen. Zijn hand gaat
naar zijn pijnlijke schouder. Loy schopt doelloos tegen een steen die steviger
in de grond verankerd zit dan hij had verwacht. Hij kraakt zijn nek, draait
zich om en laat zijn stemmingswisselingen voor wat ze zijn. Kom jongen, naar
beneden, lekker eten in het hotel.

Op het dakterras van het hotel is een eet en
drinkgelegenheid en vanaf hier heeft Loy een magnifiek uitzicht op de
pastelkleurige huizen die om de rotsen van het middeleeuwse stadje gedrapeerd
liggen. Het hoogtepunt is het daar bovenuit torenende kasteel waar hij enkele
uren geleden nog stond. Zittend aan een tafel langs de balustrade geniet hij
van een fles lokale wijn. Uit gewoonte staan er twee glazen op de tafel.
Herinneringen heeft hij deze avond niet uitgenodigd. Er met niemand over kunnen
praten is ook zoiets. Loy wrijft over een pijnlijk stekend en zichtbaar rood
plekje op de buitenkant van zijn bovenarm. Met kleine donkere spikkels lijkt er
een lijntje te worden gevormd. Een aantal weken terug is hij er mee naar de
huisarts gegaan.

“Stress. Geen punt van maken”, had de dokter
geconcludeerd. ‘Hij zou er niet dood van gaan’. Stress, alles is stress
tegenwoordig. Maar wat het dan wel is? Hij baalt van het feit dat hij zich zo
heeft laten afschepen.

Hij kijkt over de rand van het dakterras. Tegenover het
hotel bevindt zich een lager flatgebouw met kleine balkons die in de avondzon
fraai belicht worden. Hij neemt de tijd voor de details. Probeert ze te
ontcijferen. Elk van hen heeft een verhaal. Loy glimlacht als hij de vrouw ziet
zitten die hij vanuit zijn hotelkamer al enkele dagen gadeslaat. Het
weelderige, rode kapsel staat haar buitengewoon aantrekkelijk. Rood haar is
iets wat in deze omgeving niet vaak voorkomt. Waarschijnlijk is er ergens in de
lijn der over-, over-, overgrootmoeders een moeder geweest, die niet hard
genoeg heeft kunnen rennen. De Vikingen moeten haar uiteindelijk hebben
ingehaald. Evolutionair gezien is er geen verschil of een kind nu geboren wordt
uit een liefdevolle relatie of een verkrachting. De evolutie is amoreel, is
Loy’s conclusie.

Navraag bij de ober van het hotel wijst uit dat Lucia
gescheiden is. De bediende kent haar agressieve ex uit zijn jeugd. Gemakkelijk
heeft ze het niet gehad. Met haar zoontje leeft ze nu een bescheiden bestaan in
het kleine appartement. Een vrouw met een beschadigd verleden die de knopen in
haar leven probeert te ontwarren. Zoveel is Loy duidelijk. De ober geeft
voorzichtig aan dat ze nogal op zichzelf is. Met de knieën gebogen en haar
blote voeten speels op het metalen hekwerk probeert Lucia met enige inspanning
te lezen. Een geconcentreerd fronsje op haar voorhoofd is zichtbaar. Loy vraagt
zich al dagen af wat de titel van het boek is. Maar hoe zeurbestendig het boek
ook lijkt, haar aandacht wordt opgeëist door haar zoontje. Op dit moment een
handenbindertje van de ergste soort.

Uit verveling knalt haar lieveling zijn driewieler tegen het
hek van het balkon. Rijdt terug en in vertraagde herhaling wederom een bots.
Dan een theatrale val, inclusief dito gil. Aandacht vragend kopieergedrag … Hij
zal het van de televisie hebben. Het is de tijd van de tour de France. Hoppa,
daar gaat weer zo’n wielrenner van een onbekend merk tegen de vlakte. Dit soort
calamiteiten valt kennelijk onder de noemer ‘belangrijk wereldnieuws’ want ze
worden als zodanig smeuïg internationaal uitgezonden. Kom mevrouw, naar bed met
die koter.

Een bus met vermoeit ogende toeristen ontlaadt zich voor het
hotel. Meewarig kijkt hij naar onder; ‘Je ‘sal mar’ in zo’n bus zitten!’
Sommigen dragen hoofddeksels die op een grimmig uitvloeisel van carnaval
lijken. Waarschijnlijk medelanders. Gelaten hoort Loy een sfeer ondermijnende
opmerking aan; ‘Tering wat is het hier heet’. De verkreukelde buschauffeur is
uitgestapt om te helpen met het uitruimen van de bagage en tegelijkertijd een
oogje in het zeil te houden om het snaaien van bijdehandse, aandoenlijke
bengeltjes te voorkomen.

Ah, de wijn smaakt voortreffelijk. Loy werpt van bovenaf
onwillekeurig nog een blik op Lucia en gaat onvast naar zijn kamer. Hij neemt
nog even plaats op de krakende stoel achter een rond afgebladderd tafeltje op
het balkon. Hij zoekt, “The Daily Terror” tussen de stapel tijdschriften en
neemt hem vluchtig door. Loy mijmert nog even door over de tijd dat hij met
zijn vrouw met de bus reisde en plukt een voorval uit zijn herinnering. De
herinnering; ofschoon niet uitgenodigd, ongevraagd toch welkom. Emoties houden
zich nooit aan strikte begin- of eindpunten.

***

Loy zat met zijn vrouw in de autobus op reis naar de
vakantiebestemming. De reis duurde lang. De lage prijs van de ´last minute
deal´ had hun over de streep getrokken. De bus was niet helemaal volgeboekt. Ze
zaten naast elkaar achter in de bus. Toevallig de laatste stoelenrij, naast het
gangpad en hiernaast twee zetels compleet vrij. Zijn vrouw was verzonken in
haar boek en Loy keek gedachteloos uit het raam. Voelde zich geil. Vraag niet
waarom. De nacht ervoor was hij toch meer dan voldoende aan zijn trekken
gekomen. Misschien was hij daarom wel zo ontspannen dat hij nu zichzelf verloor
in een dagdroom. Voordat hij er zich van bewust werd of er iets aan kon doen
was hij opgewonden. Zijn hand zocht voorzichtig contact met haar zorgvuldig
door scrubben zacht gemaakte bovenbeen. Ze ging verzitten en liet toe hoe hij zijn
hand langzaam subtiel iets naar boven verplaatste. Totdat haar hand maande dat
het ver genoeg was. Loy zuchtte, verveelde zich en trok zijn hand terug. Maar
dat scheen toch ook niet helemaal de bedoeling te zijn. Verward keek hij haar
aan. Ze ging tegen hem aan liggen en Loy sloeg zijn arm om haar schouder. Ze
hield zijn hand vast en sabbelde op zijn vingers. Onverdroten las ze verder in
haar boek. Haar blote voeten hingen losjes in het gangpad.

Maar Loy zat niet bepaald gemakkelijk, zijn arm begon te
tintelen en hij moest een aantal keer gaan verzitten. Haar hoofd lag tegen zijn
borst aan. Hij had genoeg van het gesabbel en gefrutsel aan zijn hand, legde ze
op haar borst en kneep er zachtjes in. Ze legde haar boek neer, deed haar hoofd
achterover en keek hem lachend aan. Ze liet zich met haar hoofd verder langs
zijn borst naar onder glijden tot op zijn schoot. Haar ogen lichten op toen
haar wang zijn opgewonden staat opmerkte en ze draaide haar mond gulzig en snel
naar zijn kruis.

Loy veerde op en keek verschrikt over de stoelen en
achterhoofden van de reizigers de bus in. Ze wreef haar gezicht tegen zijn
kruis, ademde hoorbaar door haar mond, beet zachtjes in zijn broek en rook
eraan. Ze trok haar knieën omhoog. Haar jurk viel ver over haar bovenbenen. Ze
liet zijn hand over haar borst glijden en kneep over zijn hand in haar eigen
tepel. Beide voelden hoe haar tepels harder werden, ze kreunde en wierp haar
bekken omhoog. Loy keek alert naar voren. Ze genoot van haar geslaagde counter
op Loy die hij zelf onbewust had ingeleid en over zichzelf had afgeroepen. Ze
duwde haar gezicht wederom in zijn kruis. Met een natte tong en bewust
overvloedig speeksel lekkend probeerde ze door zijn broek zijn eikel te
traceren. Onrustig wipte hij ontwijkend op zijn stoel op en neer, totdat de
mevrouw in de stoel ervoor, verontrust vragend achterom keek. Licht
voorovergebogen, met beide handen het hoofd van zijn vrouw wanhopig onder
controle houdend, knikte hij vriendelijk en geruststellend terug naar de statig
grijzende buurvrouw. Hij probeerde nog wat smalltalk maar dat mislukte bij deze
mevrouw faliekant. Loy had moeite de handen van zijn engel weg te houden die
gretig zijn gulp probeerde te openen. Met een laatste rake beet, draaide ze
zich veerkrachtig om, ging rechtop zitten, nam haar boek en vestje mee en ging
rigoureus in de stoelen aan de andere kant van het gangpad liggen.

Loy was verbouwereerd door deze verrassende zet van haar.
Bloedje geil was hij, maar nog niet klaar om zich hier ‘en plein public’
volledig te laten gaan. Kennelijk had ze dat begrepen en in haar snelwerkend
brein een oplossing gevonden door in de stoelen ernaast te gaan zitten. Ze
installeerde zich zodanig dat Loy volledig zicht had op haar blote benen. Ze
ging met haar rug tegen het raam zitten, knieën licht opgetrokken, de positie
van één heup met opzet supersexy gepositioneerd en nam nonchalant haar boek
weer ter hand. Ze kon een vilein lachje niet onderdrukken en maakte hem monddood
met een vinger. Ze strekte zich uit om over de stoelleuningen heen te kijken.
Even poolshoogte nemen. Alles rustig. Dan kon er verder gespeeld worden. Hij
zag de ondeugd in haar ogen. Wat was ze van plan?

Wie leidde wie? In het kleine theater der onderdanigheid,
werden hier de rollen op een grappige manier uitgedeeld. Ze liet zich onderuit
zakken en spreidde haar benen. Loy ging verzitten en draaide zich op alles
voorbereid naar haar toe. Zijn verwarde oog gleed over haar heen. Met een
ondeugend pruilmondje keek ze opzichtig naar zijn kruis, zag de vochtige plek
op de plaats waar ze haar mondafdruk achtergelaten had. Ze wees ernaar, lachte
besmuikt en maakte een aftrekgebaar in de lucht met haar licht geopende vuist.
Ze vormde met haar mond geluidloos iets van, “kom nu, jij ook”. Met haar
mobiele wenkbrauwen gaf ze als een seinvlag allerlei subtiele, geile
signaaltjes.

Loy duwde zijn pijnlijk knellende pik door zijn broek heen
in een prettiger positie, maar hij twijfelde. Hij bespeurde een vreemd verlangen
om tot deze schande te worden aangespoord. Zij was volgzaam en bereid om hem
tot het uiterste genot te laten komen. Hij was bloedgeil, het bloed was
inmiddels aardig naar zijn hoofd gestegen en zijn ademhaling was snel en
jachtig. Maar toch durfde hij de publieke ontbloting nog niet aan en keek
schichtig de bus in.

Ze genoot van zijn onzekerheid en speelde vastberaden door.
Ze wilde hem. Haar benen gingen verder uit elkaar. Haar jurk werd nog verder
omhoog gehaald en hij zag haar hand vluchtig langs haar slipje wrijven. Het
slipje werd ook even terloops opzij getrokken. Ze deed alsof ze onschuldig haar
boek geconcentreerd aan het lezen was maar hield haar man strak in de gaten.
Loy had zijn hand op zijn pik en kneep wat in zijn broek, maar maakte, tot ongenoegen
van zijn vrouw, nog geen aanstalten om zich hier achter in de bus tussen het
publiek te bevredigen.

Zijn lief probeerde hem met een obsceen uitnodigend
handgebaar over te halen. Zij was in alle staten, trok nu haar slipje uit en
speelde opzichtig met zichzelf. Haar ogen stonden troebel geil. Tikkeltje
omfloerst met af en toe een felle twinkeling erin. Loy herkende haar
opgewondenheid. Zijn hart bonkte in zijn keel en zijn mond werd gortdroog.
Kennelijk vond ze dat er nog meer olie op het vuur geworpen moest worden.
Baldadig wierp ze haar natte slipje in een propje naar hem toe. Ze sloot haar
ogen en zakte nog verder onderuit. Met één hand vingerde ze en met de ander
hand ging ze knijpend over haar borsten. Haar boek gleed op de grond. Af en toe
keek ze hem tussen haar toegeknepen ogen aan. Haar bekken stootte ze omhoog bij
elke schokgolf die in haar lichaam sensueel werd opgewekt. Met een verwrongen
gezicht kneep ze haar benen tegen elkaar als een klemmende bankschroef, om zo
met haar vingers het prachtig glibberende materiaal daaronder zo goed mogelijk
te kunnen bewerken.

Met een dikke frons op het voorhoofd keek ze Loy vermanend
aan. Waar hij bleef? Een fel hoofdknikje en een felle blik ondersteunden haar
intieme wens. “Trek je af!” was haar duidelijke opdracht. Ze verhoogde de
frequentie en druk van haar hand. Met open mond en het hoofd achterover kruiste
ze haar benen, als wilde ze op deze manier nog meer tegendruk geven aan de
enorme jeuk in haar kruis. Dan liet ze plots haar benen los, spreidde ze en
gleed met haar vingers verder naar binnen. Toonde Loy met gespreide hand haar
kletsnatte vingers en stak haar tong uit om te doen alsof ze haar vingers wilde
aflikken. In een plotselinge paniekreactie wipte ze omhoog, snel terug zittend
om schrikachtig controlerend de bus in te kijken toen een klotsend geluid net
iets te hard doorkwam. Ze giechelde en vingerde zich met een nog hogere
frequentie naar een onafwendbaar hoogtepunt.

Dat klotsende geluid was de druppel. Loy had dit ook gehoord
en hield het niet meer. Onmenselijk om deze seksuele overgave van zijn vrouw te
negeren. Zo dichtbij maar toch onbereikbaar.

Hij keek naar haar gezicht. Een gezicht in de branding. Het
kwam in golven. Bij elke golf opende ze haar mond om seksuele spanning in haar
lichaam op te vangen. Hij had nog snel een laatste keer in de bus gekeken en
zijn broek los gerukt. Gebiologeerd had hij in trance naar het prachtige
expressieve gezicht van zijn engel gekeken en zichzelf hartstochtelijk
afgetrokken. Hij zag haar komen op de golven op een open, eerlijk en volledig
eigen manier, haar bekken in een stuip, trillende benen, zich omhoog drukkend.
Loy zat gekromd voorover. Hij kon het niet meer droog houden en verschuilend
achter de rugleuning was hij schokkend en ingehouden kreunend, klaargekomen.

Hij zag zijn vrouw gelukzalig op adem komen. Haar benen
ontspanden zich. Ze fatsoeneerde haar kleding en gaf hem een veelbetekenende
knipoog. Ze trok haar wenkbrauwen vragend omhoog; ‘en jij?’ Scheen ze te
vragen.

Loy zei niets en reikte haar een schone tissue om zichzelf
proper te maken en één nat als bewijs van eigen kunnen. De laatste had ze niet
verwacht. Ze trok even een vies gezicht bij het aannemen van de natte tissue,
lachte hardop, rook er even aan en gaf hem een liefdevolle kushand.

De ontdekking van het op deze wijze willen delen van haar
intimiteit was voor Loy een grote verrassing. Zijn vrouw als uitdagende vamp en
als onberekenbare femme fatale op zoek naar ongerept genot. Hoeveel intimiteit
was er nog te ontdekken? Het voorval maakte hem sindsdien bescheiden. Een
fantastische herinnering waarmee zij voor altijd zijn respect en bewondering
afgedwongen had.

***

Loy kijkt vanuit zijn balkon naar de overkant en ziet Lucia
vermoeid gapen boven haar boek. Ze legt haar hoofd in haar nek en sluit haar
ogen. Wat zou hij graag kennis met haar willen maken. Nee, dit is te zacht
uitgedrukt. Loy fantaseert. Geil en opgewonden geraakt door zijn herinnering.
Zou het mogen? Hij wrijft over zijn opspelende schouder.

Het liefst wil hij de woest aantrekkelijke Lucia van achter
verrassen door stevig haar borsten vast te pakken en zachtjes in haar oor te
blazen. Om dan met zijn natte tong vluchtig rond te cirkelen over de contouren
van haar hals en te eindigen met een pittige beet in haar nekspieren. Kippenvel
gegarandeerd.

Lucia rekt zich uit met gestrekte armen. Waarna de armen
onder spierspanning worden gebogen en haar handen via haar borsten naar haar
schoot worden gebracht. Een prachtig gracieuze beweging. Haast sereen. Hij kent
inmiddels haar ritueel. Meestal het teken dat het niet lang duurt voordat ze
haar bed op gaat zoeken.

Loy probeert wanhopig een opkomende hoestprikkel weg te
slikken om geen storende factor te zijn in het decor. Helaas kan hij zijn
bronstige bronchiën niet meer onder controle houden. Het komt met kuchjes, dan
een hevige rochel die aanzwelt tot orkaansterkte om vervolgens bulderend
afscheid te nemen van enig longvocht. “Terror” vliegt door de lucht. De
onbetaalde stoel laat zich ook niet onbetuigd en kreunt en piept solidair mee.
Al met al geen sterk voorbeeld van een eerste kennismaking. Verbaast en
meewarig kijkt Lucia naar haar overbuurman. Als de bui over is kijkt Loy haar
met betraande ogen, happend naar lucht aan. Met enige aarzeling gooit hij er
een verkrampte glimlach tegenaan en steekt zijn hand op. Ze negeert hem. Niets
aan de hand. Morgen nieuwe kansen.

Mikes
Graag jouw waardering als reactie onder dit verhaal