BEDEVAART

Deel 5 Maria

De bergen over is zwaar en dat is een ‘understatement,’ Het
is allejesus zwaar. De fiets, de bagage en misschien word ik te oud voor dit
soort gekkigheid. Het is me op mijn racefiets in de Alpen nooit overkomen, maar
nu loop ik stukjes. Er zijn stukken, zo steil, dat mijn hart zo te keer gaat dat
het voelt alsof het uit mijn borstkas zal barsten. Lopen! Ik die vijf jaar
terug boven op de Mont Ventoux een kwartier zat te wachten tot mijn vrienden
boven waren. Tijdens een stop zie ik een appje van Julia. “Engeland nu wel
gezien. Gaat het goed met je? Ik mis je wel!”.

Ik antwoord met, “alles prima hier.”

Later die dag heb ik daar spijt van. Onmiddellijk antwoorden
terwijl ik vermoeid zat uit te hijgen, was stom geweest. Ik denk er over om nog
een app te sturen, dat ik haar mis. Over de Julia van vroeger nadenkend voelt
het zeker zo. Ik stuur geen bericht. Het is tenslotte door de vermoeidheid
ingegeven sentiment. Te veel testosteron verstookt berg op?

Er is later die dag nog wel een lichtpuntje. Plassend langs
de rand van de weg op een vlak stukje in de …tigste haarspeld kijk ik naar
mijn zakie. Misschien omdat de zon er op schijnt, of gewoon geluk. Ik zie
tussen mijn donkerblonde sluike schaamhaar een dikke zwarte kroeshaar zitten.
Voorzichtig vis ik de zwarte haar er uit. Die moet van Louise zijn. Ik ruik er
aan, helaas… Als een kostbare schat, of om in de sfeer van de reis te blijven
een relikwie, berg ik het souvenir voorzichtig in mijn portemonnee.

De Pyreneeën over kost me twee dagen en hoewel minder
steil, houdt daarna het klimmen en dalen
niet op. Dat is overigens niet mijn enige probleem. Het is begonnen met jeuk,
jeuk in mijn kruis en mijn reet. ‘s Avonds, in mijn tentje, merk ik dat ik
steeds vaker moet krabben. Overigens, ik hou er van om af en toe heerlijk aan
mijn zak te krabben, echter deze jeuk is anders en krabben helpt niet. De
volgende dag fietst het lastig met zo af en toe een hand in mijn broek. Dit is
niet normaal. Ik stop bij een bosje en ga van de fiets af. Broek omlaag en
inspectie. Ik ontdek kleine rode vlekjes tussen de schaamharen en kleine zwart
bruine puntjes op de haren. Platjes?. Ik wil het googelen, verdomme geen
bereik.

Een uur later, uitpuffend na een beklimming heb ik
verbinding. Ja, het moeten platjes zijn. Ik lees het artikel op Wikipedia, hoe
lang die beesten er over doen om zich te vermenigvuldigen en over bruine
hoopjes in je haar. Ongeveer tien dagen, Dat sluit Louise uit. Mandy was
geschoren, het is dus een souvenir van Claire. Heb ik ook nog een souvenir van
Mandy tegoed? Ik maak me zorgen.

Een half uur later in de afdaling naar beneden suizend,
blijven de zorgen over soa ’s door mijn hoofd spoken. Je kunt beter op de weg
letten, vertel ik me zelf. Om de nare gedachten te verdrijven, besluit ik te
gaan zingen. Het lied over Claire maar weer.

“Claire

Op je kut een grote bos

Nu ben ik de klos

Je schaamhaar vol vee

Je gaf ze me mee.”

Nog op een uur of drie fietsen van Pamplona. Dit keer geen
grote steden mijden, maar in Pamplona op zoek naar middelen. Een
apotheek-achtige zaak is snel gevonden en het Engelse woord voor platjes komt
na even nadenken boven drijven.

“Crabs,” zeg ik tegen een verkoopster. Ze kijkt me
schaapachtig aan.

“Crabs,” zeg ik opnieuw, tussen mijn duim en wijsvinger iets
heel kleins aangevend en op mijn kruis wijzend. Ze keek me aan of ik gestoord
ben en schudt haar hoofd. Ik wijs nogmaals op mijn krijs en maak met mijn
handen klauwtjes, tevergeefs. Wel kijkt ze me nu angstig aan en ze doet een
stapje achteruit.

De cheffin komt erbij en ik herhaal mijn pantomime. Er komt
een brede, begrijpende grijns op het gezicht van de cheffin en even later staan
de twee in het Spaans te ratelen en pakt de verkoopster een flacon met een
crème. Bij het afrekenen zie ik dat het kreng naar mijn in koersbroek gestoken
onderlijf staart en moeite heeft om niet te lachen.

Ik vind een goedkoop hotelletje en smeer mijn schaamhaar, de
haren op mijn kont, mijn bovenbenen en mijn buik rijkelijk in. Nogmaals
googelend op platjes lees ik dat scheren aanbevolen wordt. Tering, hoe verklaar
ik een kaal kruis als ik thuis kom? Irritatie bij het fietsen in de warmte en
daarom afgeschoren, lijkt me de meest aanvaardbare smoes. Mijn schaamhaar er
af, daar kan ik goed bij, maar mijn behaarde kont en mijn kloten? Ik heb
weliswaar scheerzeep en mesjes bij me, maar dit vraagt om meer en grover
geschut.

De stad in op zoek naar een winkel. Ik loop rond in een tippelwijk.
Dat brengt me op een idee. Ik koop extra mesjes, een schaartje en huishoudhandschoenen
en ga op zoek.

Zelf kan ik er niet goed bij en ik heb geen zin om me in
mijn kont of mijn kloten te snijden en zeker niet met de kilometers die nog op
het fietszadel doorgebracht moeten worden. Waar en hoe vind je iemand om je gat
te scheren? Met een beeld voor ogen, waarin ik met mijn broek omlaag
voorovergebogen in een drukke kapperszaak sta, loop ik glimlachend over straat.
Op zoek naar een hoer. Het blijkt met hoeren net als met benzinepompen, als je
ze niet nodig heb dan struikel je er over en andersom…

Ruim een uur en twee mislukte pogingen later, vind ik er een
die, en voldoende Engels spreekt om me te begrijpen en die tegen betaling van
twee uur van haar tijd, mee wil naar het hotel. De jongedame in kwestie, “je
mag me Maria noemen,” is een opgewekt type. Ze heeft duidelijk schik in haar
opdracht. Vrolijk pratend loopt ze met me naar het hotel. Met haar mond dicht,
ziet ze er aardig uit. Haar borsten lijken echter te groot voor haar magere
lichaam. Siliconen? In dat geval had ze het geld beter aan de tandarts kunnen
besteden. Haar gebit ziet er niet uit en ze heeft een bijzonder onfrisse adem.

Wat ik al vreesde gebeurt, Maria wordt herkend als vakvrouw.
Ik zie de receptionist naar ons kijken en voel dat ik ga blozen. Gelukkig, hij
knipoogt.

Naakt sta ik in de douchebak en Maria voorzien van de
huishoudhandschoenen gaat gezeten op een krukje aan de slag. Eerst met de
schaar en dan smeert ze flinke klodders scheerschuim over mijn onderlichaam. Al
scherend neuriet ze een liedje. Ze had altijd al kapster willen worden, vertelt
ze. “Maar het betaalt zo slecht.”

Ik wil het niet, maar ondanks mijn angst voor de schaar en
het scheermes is mijn pik toch gegroeid.
Bij het knippen bleef hij nog keurig in zijn schulp gekropen, maar hij
blijkt niet bestand tegen de wijze waarop ze hem vasthoudt om mijn scrotum te
scheren Ze maakte er lachend in het Spaans een opmerking over die ze niet wil
vertalen. Het ging over een “burro,” een ezel, dat begreep ik nog wel.

Ze wrijft met een handdoek de resten scheerschuim weg en in
de spiegel kijk ik naar het resultaat. Wat een stom gezicht, zo’n kale buik en
dan nog met een stijve ook.

“Je hebt nog tijd over,” zegt ze.

Tegen bijbetaling wil ze me met een “handjob” van mijn
stijve afhelpen of me met een condoom pijpen. Ik bedank. In gedachten zie ik
haar, met nog steeds de huishoudhandschoenen, aan mijn pik sjorren. Laten
pijpen is verleidelijk, maar dat gebit!

Daar komt bij dat het platjes gedoe, met een dure hotel
overnachting en Maria ’s honorarium, me al genoeg geld gekost heeft. Na het
vertrek van Maria ruk ik me af, met Louise voor ogen. Ik hoop dat ik die lieve
Louise niet besmet heb.

Die avond belt Julia. Ze is weer thuis en ze vindt het
zonder mij stil in huis. “Hoe lang wil je nog wegblijven?”

Ik vertel dat ik nog ongeveer een week nodig heb. Er valt
een ongemakkelijke stilte. Net als ik wil zeggen dat ik naar huis begin te
verlangen, zegt ze met teleurstelling in haar stem dat ze gerekend had op drie
weken.

“Kan je niet wat harder fietsen of een stukje afsnijden?”

Die avond in bed denk ik aan Julia. Hoorde ik een opening,
terug naar de oude intimiteit of is de wens de vader van de gedachte? Zal ik
vaker bellen en appen? Piekerend val ik in slaap.

Eindelijk Santiago in zicht. Nog een paar kilometer. Ik
schakel terug, de laatste kilometers mogen lang duren. Niet zo als vroeger
tijdens trainingsritjes met een sprintje naar ieder plaatsnaambord.

De laatste ruim 700 kilometer vergden zes dagen stevig
doortrappen. De schaamluis is afdoende bestreden. Echter met het afscheren van
mijn schaamhaar is mijn eerdere ‘geluk’ op de schedevaart met bereidwillige
dames voorbij. Ik ben een soort van Samson geworden, zoals in het
Bijbelverhaal. ‘s Avonds bij het douchen kijk ik steeds hoopvol omlaag.
Gelukkig zijn er weer stoppeltjes zichtbaar.

Deel 6 Janny

Santiago binnen fietsend ben ik niet onder de indruk. Het
ziet er nogal morsig uit. Ik twijfel over mijn eerdere voornemen om er een paar
dagen te blijven. Misschien valt het in het centrum nog mee. Julia belt nu
dagelijks en ik heb opgebiecht dat ik ook naar huis verlang. Het ging tenslotte
om de reis en niet om de bestemming.

Maar eerst moet ik mijn fiets kwijt en de thuisreis regelen.
Een camping buiten de stad lijkt me onpraktisch en ik vind dat ik ondanks de
kosten een echt bed verdiend heb. Temeer omdat te lang doorrijden met een natte
broek een blaar op mijn kont heeft veroorzaakt. De laatste twee dagen heb ik
met een blarenpleister op mijn reet gereden. Een geluk bij een ongeluk, denk ik
steeds als ik de pleister vervang voor een nieuwe. Met reetharen zou die
operatie een stuk pijnlijker zijn.

Ik vind een hotel, weliswaar niet goedkoop, maar voor een
paar dagen moet het kunnen. Derde etage met uitzicht op een plein. Ik sjouw
mijn spullen naar de kamer om te douchen en de fietskleren te verwisselen voor een
toeristen plunje. Hoewel al half tien, is het restaurant nog open. Spanjaarden
eten laat. Het is druk in de eetzaal, alleen in een hoekje is nog een plekje
vrij. Wachtend op mijn bestelling, kijk ik de eetzaal rond en luister naar het
geroezemoes. Aan een lange tafel dicht bij de mijne zit een gemengd gezelschap
van tien personen. Ze zien er Hollands uit en ik spits mijn oren. Mijn intuïtie
blijkt te kloppen, ik vang flarden van hun gesprekken op. De ruim drie weken
zonder landgenoten zijn me goed bevallen. Ik maak me niet bekend als landgenoot
en luister naar wat ze te vertellen hebben. Uit, wat ik hoor, maak ik op dat
het wandelaars zijn en dat ze acht dagen gewandeld hebben. Zij liever dan ik,
wandelen gaat me te langzaam.

Terug op de kamer bel ik Julia en stel haar gerust met het
bericht dat ik op mijn bestemming ben. Ik vertel haar dat ik hier hooguit twee
dagen wil blijven en dat ik het laat afhangen van de beschikbare vluchten. Ze
blaast een kus door de telefoon. De matras en de vermoeidheid hebben voor een
lange en diepe nachtrust gezorgd. Ik word wakker van muziek buiten op het
plein. Na het ontbijt fiets ik de stad in om Pakezel te verkopen. Nog één maal
met mijn zere kont op het zadel. Ik twijfel nog, het is een trouwe metgezel
geworden, is er geen manier om hem naar Holland te krijgen? Ach nee, met een
racefiets een mountainbike en een stadsfiets heb ik genoeg fietsen. De eerste
fietsenzaak, die ik probeer, heeft geen belangstelling, wel een tip. De tip
blijkt een goede, een zaak buiten het centrum heeft zich gespecialiseerd in
sportfietsen. Gelukkig kijken ze door de modder en andere viezigheid heen. Het
kost wat tijd om te onderhandelen, maar we worden het eens voor een prijs, die
maar tweehonderd euro lager is dan wat ik voor de fiets betaald heb. Ik neem
nog een laatste foto van Pakezel. Hij heeft me trouw gediend. Volgens de teller
hebben we samen 2689 km afgelegd.

Teruglopend naar het centrum maak ik de hoofdrekensom. De
fiets heeft me ongeveer 7,5 eurocent per kilometer gekost. En doorrekenend
66,67 euro per wip.

Terug in het centrum boek ik op een reisbureau een vlucht
naar huis voor over twee dagen. Eerder kan niet en het komt goed uit met wat ik
Julia vertelde. Wat nog rest is een rugzak of een rolkoffertje voor mijn
bagage. Lang leve de circulaire economie, ook Spanje blijkt kringloop winkels
te kennen. Voor vijftien euro word ik eigenaar van een smerige en ranzig
ruikende rugzak. Ik besluit hem terug in het hotel onder de douche te
schrobben.

Na de rugzak naar het hotel gebracht te hebben staat niets
me meer in de weg om de stad te gaan verkennen en het pelgrimsgebeuren te
aanschouwen. Ik besluit met de kathedraal te beginnen. Uit een, in de
kathedraal opgepikte folder, begrijp ik, dat voor pelgrims de staat van de ziel
belangrijk is. Door het schuren van mijn broek over de blaar, ben ik echter
meer bezig met de staat van mijn zitvlak. Ik stuur een selfie naar Julia en app
“Overmorgen naar huis.”

Ze antwoord bijna direct.

“Gelukkig! Hoe laat en zal ik ophalen?”

“Half elf ‘s avonds, zie nog wel. Heb een rugzak voor
mijn bagage gekocht.”

De kathedraal is mooi, met de bijbehorende roomse overdaad
aan pracht en praal. Julia is van huis uit katholiek en steekt bij een bezoek
aan een kerk vaak een kaarsje aan. Ik pak zonder te betalen een kaarsje en
steek het aan. Zal het werken voor teruggevonden huwelijksgeluk? Ik besluit
toch maar een euro in de gleuf te stoppen. Verder wandelen en cultuur snuiven
of een pilsje in de schaduw? Ik hoef niet te kiezen, mijn benen zijn al op weg
naar het dichtstbijzijnde terras.

Genietend van de eerste hap hopschuim, zie ik een vrouw op
me af komen. Ik herken haar als een van de groep Hollanders uit het hotel.
Slank, pezig en gespierde benen onder haar shorts. De bouw van een
duurloopster. Gisteren in het gedimde licht van de eetzaal had ik haar begin
dertig geschat. Nu dichterbij en bij daglicht zie ik dat er minstens tien jaar
bij moet. Fraai exemplaar en goed opgedroogd, maar de lijntjes om haar mond en
bij haar ogen verraden haar leeftijd. Ze kijkt bozig en begint in rap Spaans
tegen me uit te varen. Ik kan het niet volgen en kijk haar dommig aan.

“Zie je wel, je bent Hollander,” zegt ze in mijn landstaal.

Ze blijkt de avond te voren gemerkt te hebben dat ik naar
hun gesprekken luisterde en ze had zich afgevraagd of ik een landgenoot was.

“Kinderachtig dat je niet zei dat je ook uit Nederland komt.”

“Wil je wat drinken?” Vraag ik. Ik zie haar twijfelen, maar
met een zuur gezicht zegt ze.

“eh, vooruit dan maar.” Ze nipt van haar ijsthee en ze
vertelt dat ze haar groep ontvlucht is. “Ik heb nu wel genoeg kerken gezien.”

Dat leidt tot mijn vraag over het hoe en waarom van hun
wandeltocht. Ze aarzelt met antwoorden. Om het ijs te breken vertel ik hoe ik
in Santiago terecht ben gekomen. De huwelijkse aanleiding vervang ik door ‘er
even uit willen’. De schedevaart en de platjes laat ik ook maar weg. Ze lacht
er niet om, ze kijkt me alleen maar wat meewarig aan. Ook mijn beschrijving van
het leed van mijn blaar laat haar niet lachen. De enige reactie die ik krijg is
een vies gezicht. Gelukkig staat ze er wel op om nog wat te drinken te
bestellen, “op mijn kosten nu,” benadrukt ze.
We stellen ons aan elkaar voor. Ze heet “Janny.”

Janny blijkt door een vriendin overgehaald te zijn, om mee
te gaan op een achtdaagse voettocht over het laatste deel van de pelgrimsroute.

“Nee,” ze is niet katholiek.

Ze zat in een dip en haar vriendin An vond dat ze er uit
moest.

“Ook omdat ik Spaans spreek.”

Terwijl ze praat neem ik haar op. Zeker niet
onaantrekkelijker en een strak lijf. Jammer dat ze zo zuur blijft kijken. Komen
daar die lijntjes om haar mond vandaan.

Ze heeft iets chique over zich. Luisterend naar haar, vraag
ik me af waarom ik haar chique vind. Het is niet haar vrijetijdskleding. Het
komt door haar stem en haar dictie. Ze spreekt heel bedachtzaam in een wat
geaffecteerd Nederlands. Ze draagt geen trouwring. Misschien valt ze wel op
vrouwen, ze heeft het opvallend vaak over haar vriendin An. Ze stopt met
praten, “is er wat?”

“Nee, hoezo?”

“Je zit zo naar me te staren.”

“Ik vind het leuk om naar je te kijken, als je praat,” jok
ik. Ik kan haar moeilijk vertellen waaraan ik dacht.

Ze bloost. “Ach, schiet op.”

Om van onderwerp te veranderen vraagt ze of ik op de dagen
dat ik door Spanje fietste nog wat Spaans geleerd heb.

Ik knik bevestigend en zeg, “vamos, allegria.”

He, he, dat brengt zo waar een voorzichtige glimlach op haar
gezicht. “Wat voor plezier heb je in gedachten?”

Oei, denk ik, beet? “We kunnen samen nog een
bezienswaardigheid bezoeken of naar het hotel gaan op zoek naar plezier of voor
ontspanning”.

Bezienswaardigheden had ze genoeg gezien. Ontspannen vindt
ze een prima idee. “Maar,” zegt ze erbij, “ieder op zijn eigen kamer.”

Tijdens de wandeling terug naar het hotel ontdooit ze
verder. Ze vertelt Spaans gestudeerd te hebben en eerst in het onderwijs
gewerkt te hebben en dat ze nu zelfstandig vertaalster is.

“Ik was het onderwijs zat, maar ik geef nog wel Spaanse les
aan groepjes volwassenen.”

Terwijl ze praat over haar werk, vraag ik me af waar ik mee
bezig ben. Het contact met Julia is weer goed en er lonkt een herstart. Wil ik
eigenlijk wel seks met deze vrouw? Ik besluit een poging te wagen. Ter bekroning
van de schedevaart en benieuwd of ik het nog kan. “Een vrouw versieren”. Per
slot van rekening groeien mijn stoppeltjes. In het hotel gaat ze in de lift mee
naar boven. Zij en haar vriendin delen een kamer op de zelfde verdieping als
ik. In de gang bedankt ze me voor het gezellige gesprek en ze neemt afscheid
met een kusje op mijn wang.

Dat was het dan, leuk geprobeerd, denk ik op het bed
ploffend. Ik voel geen spijt, misschien is het maar beter zo. Overmorgen ga ik
terug naar huis en naar Julia.

De rugzak laat ik die maar gaan schoonmaken, dan kan het
ding nog een dag drogen. Uitgekleed begin ik onder de douche aan het karwei.
Het valt niet mee en ik ben er ruim een kwartier druk mee. Ik heb hem net te
drogen gehangen als er op de deur wordt geklopt. Negeren of toch Janny? Met een
om mijn middel geslagen handdoek open ik de deur. Janny! Ze heeft een kamerjas
aan en is op slippers.

“Ik wilde me eerst even douchen,” zegt ze. “Ik ben blij dat
jij ook gedoucht hebt.”

Verrast laat ik haar binnen en ik zie dat ze nadrukkelijk
naar mijn handdoek kijkt. Ik sluit de deur en ze stapt met een ernstige blik in
haar ogen naar me toe. Ik zie nu niets zuurs meer aan haar.

“Eens zien wat voor vlees er in de kuip zit.”

Ze maakt mijn handdoek los en onthult mijn vriend. Het gaat
zo snel en plotseling dat hij het nog niet heeft kunnen volgen. Hij hangt nog.
Het blijkt voor Janny geen belemmering. Ze pakt hem vast en in haar hand komt
hij tot leven. Nou ja leven, tot volle wasdom. Ze knijpt er in.

“Hm…, stevige knaap.”

Daarna pakt ze mijn ballen vast, alsof ze die ook wilt
keuren. Kennelijk valt de keuring goed uit, want ze vraagt of ik een condoom
heb. Komen ze toch nog van pas. Nieuwsgierig kijk ik toe, hoe ze zelf de badjas
uittrekt. Ze heeft een slank afgetraind lichaam. Kleine wat hangende borsten
met donkerroze rozenknopjes en een platte getrimde onderbuik. Tot mijn
verrassing zie ik dat ze een soort van Hitlersnorretje heeft laten staan.

“Zum Befehl,” ik kan het nog net inhouden.

Ik steek mijn handen naar haar uit.

“Zo,” zegt ze, “ik moet je eerst nog wat vertellen.” Bah,
denk ik, wat nu weer. Wat daarna volgt verrast me compleet. Met haar
geaffecteerde deftige stem vraagt ze of ik schuttingwoorden wil gebruiken. Ik
kijk haar verrast aan. Schuttingwoorden tijdens de seks? Julia wordt al kwaad
als ik het over haar kut heb in plaats van haar poesje.

“Zoals kut en pik?” vraag ik.

“Nee sterker,” zegt ze met een serieus gezicht en me
nadrukkelijk aankijkend. “Zoals, zal ik mijn dikke worst in je geile gleuf
stoppen?”

Het lukt me maar net om mijn gezicht strak te houden en wie
ben ik om een bereidwillige vrouw iets te weigeren? Ik die, zo vaak
bekritiseerd word om mijn onverbloemd taalgebruik. En zij vraagt er om. Ik denk
na en gek genoeg kost het me, nu het niet spontaan gebeurd, moeite om iets met
schuttingwoorden te vinden dat ook nog origineel is.

“Wil je me kussen? En dan met je tong in mijn mond voordoen
hoe mijn dikke snikkel zo in die natte gleuf van je moet stoten?”

Het is kennelijk een zin die geapprecieerd wordt, want ze
drukt haar lippen op de mijne en haar tong dringt in mijn mond. Apart, denk ik
als haar tong heen en weer in mijn mond gaat. Ik breek de kus af en vraag haar,
“wil je dat ik je lekkere natte kut ga vingeren?” Ze knikt. Haar kut voelend
valt het tegen. Ze is helemaal niet nat, ze is hartstikke droog. Ik zeg er maar
niets van, ik wil neuken en droog als ze is, gaat dat niet.

“Zo,” zeg ik, “nu ga ik die kut van je zo verwennen dat het
geil langs mijn vingers druipt.” Voorzichtig met een vinger beginnend, merk ik hoe ze zich langzaam maar zeker voor
me opent. Na even vingeren voel ik dat ze vochtig wordt. Tweede vinger erbij en
dieper er in.

“Goddorie Janny, wat heb je een lekkere neukgrot.”

Het werkt, haar kut is nu goed toegankelijk en ze is nat
geworden. Nog geen soppen maar toch. Ze hangt aan me, met mijn pik in haar
hand. Ze is zo geconcentreerd op mijn vozen, dat ze hem alleen maar stevig als
een handsvat vasthoudt. Ze steunt, “doorgaan!” Ik smoor al vingerend haar
aanmoediging met een kus. Ze lijkt me gereed voor de volgende actie.

“Zo, en nu wil ik die soppende kut van je van dichtbij zien.”

Ik kniel voor haar. Geen strak kutje maar een flamoes met
grote uitstekende schaamlippen, als flaporen. Schaamflappen!

“Hm…,” lieg ik, “wat een lekkere strakke neukdoos.” Ze ruikt
geil. “Je ruikt ongelofelijk geil, je ruikt als een vrouw die lekker geneukt
wil worden.” Met mijn gezicht zo voor haar kut, voelt ze goed aan wat ze kan
verwachten. Ze gaat wat meer wijdbeens staan en kantelt haar bekken naar me
toe. Met mijn vingers spreid ik haar schaamlippen, haar clitoris wordt
zichtbaar. Ik lik een paar maal over het zout smakende knopje. Ze legt haar
handen op mijn hoofd om het op zijn plaats te houden. Jammer voor haar, maar ik
heb een ander plan. Ze wilde toch grove taal horen. Ik maak me los en kom
overeind om haar te kussen

“Zo smaakt jouw geiligheid.” Het werkt nog ook, Ze likt mijn mond af. “Als
jij nu mijn dikke leuter in je pijpbekkie neem, dan ga ik je straks met mijn
tong diep in die lekkere natte gleuf van je beffen.” Zo dat gaat goed, ze kijkt
me stralend aan en knielt om mijn jongeheer diep in haar mond te nemen. Geen
voorzichtige halfslachtige poging met alleen mijn eikel tussen haar lippen.
Niets van dat, gewoon zo veel mogelijk pik in haar mond. Dus toch een
pijpbekkie. Terwijl ze pijpt moedig ik haar aan. “Kom op Janny, doorgaan tot ik
bijna kom. Daarna ga ik met mijn tong je kittelaar likken tot je het
uitschreeuwt.”

Ze gaat door en ze pijpt goed. Eigenlijk te goed, te snel
voel ik mijn zaad opborrelen. Ik heb veel meer voor ons in petto en duw
zachtjes haar hoofd weg. Ze kijkt me vragend aan. “Het is heerlijk, als je nog
even doorgaat dan spuit ik je mond vol en dat wil ik niet. Ik wil straks in je
kut spuiten en dan samen met jou voor de spiegel kijken hoe mijn sperma uit je
kut druipt. Wil je dat ik je van geiligheid druipende kut lik?”

“Schiet op, lik me klaar.”

Ik dirigeer haar op het bed met ‘haar geile kont’ op het
randje en haar benen buitenboord. Tussen haar benen knielend duw ik ze ver uit
elkaar. Ze is nu wel goed nat en haar genotsknopje puilt naar buiten

“Ja, ja, schiet op, lik mijn spleetje.”

Van een spleetje is geen sprake meer, wel van een gapende
wijde opening. Ik ben ook niet van plan om met mijn tong diep in haar kut te
gaan. Haar kittelaar likken moet volstaan. Met het puntje van mijn tong
omcirkel ik haar kittelaar. Luisterend naar haar toenemend gekreun probeer ik
in te schatten wanneer ze op het randje komt. Daar stop ik. Overeind komend
leun ik over haar heen en veeg met een overdreven gebaar mijn mond af. Ik hou
mijn vingers voor haar mond. Ze doet het!. Ze likt mijn vingers af en komt
overeind om over mijn lippen te likken. Om haar op het randje te houden heb
twee vingers in haar gestoken. Ze kust me en kreunt in mijn mond.

“Wil je dat ik je verder lik of wil je mijn pik nu in je
geile doos voelen?”

“Likken! Lik me klaar.” Ik help haar om languit op bed te
gaan liggen en kruip daarna boven op haar. Op mijn ellebogen leunend met mijn
gezicht in haar natte kruis en mijn voeten op het hoofdeind. Zo hang ik boven
haar en mijn pik wijst naar haar mond. Ik voel hoe haar lippen zich om mijn pik
sluiten. Al likkend neuk ik haar in haar mond. Steeds als de druk te hoog wordt
trek ik mijn pik terug om hem even later weer in haar geopende mond te steken.
Ze kreunt met haar lippen om mijn pik en haar onderlichaam begint te bewegen.
Haar benen gaan omhoog en mijn hoofd wordt bijna tussen haar dijen geplet. Ik
kan haar zo niet meer horen, maar ik blijf likken tot ze mijn hoofd weer
loslaat

“Oh, oh stop.”

“Wil je nu mijn pik in je kut hebben?” Ze knikt.

“Hoe wil je dat ik hem er in steek?”

“Zo,” zegt ze en ze trekt heel lenig haar benen op, tot in
een hoek van negentig graden met haar romp. Ik kniel op het bed en trek haar
benen tegen mijn borst. Ja, denk ik, zonder hulp van haar of mijn handen, naar
binnen stotend, zo is het heerlijk. Diep er in en strak. Het voelt als in een
warm bad stappen na een lange dag buiten in de kou. Even denk ik aan Julia en
hoe we vroeger dit standje ook deden.

“Kom op neuk me klaar.”

Julia verdwijnt uit mijn gedachten en ik neuk Janny zonder
enige reserve. Ik hou me niet in. Ik pak haar zo hard en diep als ik kan.
Bonken, rammen, stoten op weg naar verlichting. Janny jammert zachtjes en ik
grom als de ontlading komt. Als we op adem gekomen, rustig nagenietend naast
elkaar liggen, veegt ze met een vinger over de stoppels op mijn onderbuik.

“Je mag je wel weer eens scheren.”

Dat nooit meer, denk ik zonder op haar opmerking te
reageren. Daarop maak ik een fout. Nog in de ban van onze seks zeg ik, “dit was
godvergeten lekker. Janny, mens wat heb jij een lekkere kut en je krijgt een
tien voor pijpen.” Ze draait haar hoofd naar me toe, de zure blik is weer
terug. Met een bestraffend toontje zegt ze.

“Die taal kan je nu wel voor je houden, het was goed zo.”

De spiegel en het druipende sperma aanschouwen lijkt ze
vergeten en ik herinner er haar niet aan. Rond haar mond zie ik grote rode
vlekken. Ik hoop dat het geen kneuzingen zijn en dat het wegtrekt voordat haar
vriendin terugkomt. Voordat ze haar badjas aantrekt en weg gaat, gebruikt ze
mijn handdoek om haar kruis en benen af te vegen.

Pas na Janny ’s vertrek komt de realisatie dat het condoom,
waar ze om gevraagd had, niet gebruikt is.

Die avond gaat Janny met haar groep, als afsluiting van hun
reis, in de stad uit eten. En ik? Ik lees een boek. Nog een keer zie ik haar,
uit de verte. De volgende morgen als ik wakker wordt van geluiden buiten op
straat. Ik kijk uit het raam omlaag en zie Janny en haar reisgenoten in een
busje stappen. Ze kijkt niet omhoog.

Ik heb nog een dag in Santiago. Tijdens het ontbijt appt
Julia. “Mis je en verlang naar je.”

Zo, denk ik en ik app terug, “Nog één nachtje
slapen.”

Ik slenter die dag langs de bezienswaardigheden, zonder veel
te zien. Op een plein tegen de muren van een museum hangen spandoeken, met in
drie talen de uitnodiging om het “Cultuurfeest” te bezoeken. Er
tegenover is een ijssalon. Ik kies voor een ijsje. Ik heb het niet naar mijn
zin. Later die dag in de schaduw op een terras denk ik na over het hoe verder.
In ieder geval naar huis en naar Julia. Vijfentwintig jaar schut je niet
zomaar, als een paar waterdruppels, van je af. Wat zal ik doen? Kiezen voor
eerlijkheid en alles opbiechten. Ik zie het al voor me, de huilbuien en later
de verwijten. De laatste contacten zijn hoopvol. Ik kies er voor om Julia
onwetendheid te laten. Ik ga er aan werken om samen de draad van ons leven weer
op te pikken en zo te ontdekken waar de draad ons heen leidt.

Het is tijd om naar huis te gaan.

Tinus
Boot

Graag jouw
waardering als reactie onder dit verhaal of rechtstreekse mail.